Boekgegevens
Titel: Bloemen van Nederlandsche dichtkunst: voor de jeugd
Auteur: Ouwersloot, D.; Lastdrager, Abraham Johannes
Uitgave: Amsterdam: J. Immerzeel Jr, 1834
2e dr; 1e uitg.: 1826-1827
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1061 H 12
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200027
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Bloemlezingen (vorm), Gedichten (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Bloemen van Nederlandsche dichtkunst: voor de jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
t) e « r a f t o m r e ,v a x e nz. 177
Tirannen! schriklijk was nw wo'^n:
IMaar sctiriklijk ook, hun srhim ten zoen,
Klonk u der Vaadren roem in de ooren. ;
Ontheiligd was hun achtl)re zerk,
Maar nooit ging hunne faam verloren:
Zij was uw magt te sterk. .
Triomf! hij bruisend golfgeklots ,
Ontworstelt zich uw erf weèr trotseh,
O Fiere Zeeuw! uit stroom en plassen
Het nootlot rukte uw' standaanl neèr:
Triomf! zijn smet is afgewasschen: 1
Hij siert uw kielen we<T.
Waak op dan met uw* heldendrom l
"Voer Nassau's vlag den aardb'ól om | ' ^
En Everts namen langs de zeeën ! '
Maar heilig eerst hun koud gebe.ent*.^
Met versche lauwren en tropheën; ^
Herbouw hun lijkgesteeul'! ' "
Hun grafzuil rijst: de marmren boog
Heft zich met nieuwen glans omhoog J
De landzaat rept de ontboeide handen:
De schaamle zelf brengt oÜ'ers aan :
De wierook stygt: de toortsen branden:
De vonk was niet vergaan.
Wie daagt daar op ran uit de zee?
Hij nadert Onder luid hoezee;
De scheepskroon d^t zijn zilvren'haren:
Nog blinkt de zeestaf in zijn hand ;
Nog juichen Nasnati's waterscharen ,
Hem toe uit mast en wand!
Hij komt! Die traan, die hem ontvIoeiti^C
Die roos, die naast de lelie bloeit 9
Die drift nog in zijn oog te lezen f.
Die hartlijk zachte en achtbre groet^i, .
Ja 1 't moet een zoon van Mavors wezen *
In Ruiters school gevoed.
12