Boekgegevens
Titel: Bloemen van Nederlandsche dichtkunst: voor de jeugd
Auteur: Ouwersloot, D.; Lastdrager, Abraham Johannes
Uitgave: Amsterdam: J. Immerzeel Jr, 1834
2e dr; 1e uitg.: 1826-1827
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1061 H 12
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200027
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Bloemlezingen (vorm), Gedichten (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Bloemen van Nederlandsche dichtkunst: voor de jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
170 ALT.KFNSPRAAK VAN LADY CRAY.
Mijn eiel, alreeds remioeid van in dit stof te wonen ,
Juicht nu zij haar bestemming' raakt,
Ea voelt, dat hier de Deugd in hutten en op troonen
In 't einde alleen gelukkig maakt 1
r. fkith.
DE GRAFTOMBE
VAN
CORINELÏS EN JAÏ\ EVERTSZOON
hersteld.
Toont, Zeeuwen! mij der helden asch,
Wier wieg het bruisend zeenat was;
Die , zeg:evierende op de baren ,
Met lauwren , van hun bloed nog rood.
Omkranst, ten hemel zijn gevaren;
Onsterflijk in hunn' dood!
O Negental! roemruchte teelt!
Die, met De Ruiters geest bedeeld ,
Als hij , 's lands eer hebt duur gewroken:
Waar, Evertszonen J rust uw stof,
Of zijn de zuilen al verbroken,
Die spraken van uw' lof?
'k Tleb, Helden 1 uwe tombe aanschouwd ,
Maar 't marmer, u ter eer 'gebouwd ,
Stond, wagglend, voor mijn vonklende oogen;
Uw zeekroon hing met zwaard en staf.
Verteerd door roest, met stof omtogen,
Onkenbaar aan uw graf.
De Zeeuwsche landmaagd , diep ontroerd .
Schreide op uw asch, naar vlecht ontsnoerd.
Golfde op haar wreedgeboeide handen ;
Wanhoopig zag zij 't laatste licht
Der uitgeteerde lijklamp branden,
In 't godgev/ijd gesticht. —