Boekgegevens
Titel: Bloemen van Nederlandsche dichtkunst: voor de jeugd
Auteur: Ouwersloot, D.; Lastdrager, Abraham Johannes
Uitgave: Amsterdam: J. Immerzeel Jr, 1834
2e dr; 1e uitg.: 1826-1827
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1061 H 12
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200027
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Bloemlezingen (vorm), Gedichten (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Bloemen van Nederlandsche dichtkunst: voor de jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
170
LOTJE.
vaders geboortedaa*
Uit haar kroon van inkarnaat,
Schiet de jonge dageraad ,
Door het scheemrig vochtgewemel ,
De eerste stralen van den hemel
Op de nuchtre velden neèr;
En herroept het leven weêr
In de ontwaakte woudelingen,
Die met hüpplen, die met zingen,
't Minnestokertje ter eer.
Kuifjes netten , wiekjes kleppen,
Nebjes slijpen, dropjes leppen,
Sprongjes'wagen, lustjes scheppen.
Kusjes wislen keer om keer.
Even vlugjes, even teêr.
Drokjes wordt het in den vliet:
't INioedereendje breekt en schiet
Door het oeverzoomend riet;
Drijft en roeit en duikt en dartelt,
Door haar kleenen nagesparteld,
Soms door 't warrend wier verschrikt,
Dat zich om haar voetjes strikt.
Zie die snelle buitelingjes
Van het vischje, dat in kringjes
't Waterplasje rimplen doet;
Snoepend , zich met aasjes voedt,
Aangevlogen, aangevloten;
Of, verrassend opgeschoten,
't Eendendriftje diijft uiteen.
En Aveèr duikelt naar beneêu.
Aan Auroraas hand geleid ,
Heft zich nu, met majesteit,
*t Zonnewiel uit de Oosterkimmen,
De uitgegoten parels klinmien ,
Opgelost door 't hemelvuur ,
Als een offer der natuur
Aan *t weldadig Albetrtuur,