Boekgegevens
Titel: Bloemen van Nederlandsche dichtkunst: voor de jeugd
Auteur: Ouwersloot, D.; Lastdrager, Abraham Johannes
Uitgave: Amsterdam: J. Immerzeel Jr, 1834
2e dr; 1e uitg.: 1826-1827
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1061 H 12
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200027
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Bloemlezingen (vorm), Gedichten (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Bloemen van Nederlandsche dichtkunst: voor de jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
DR HOOFDIGE BORR. 101
Men raakte in zweet op 't lange pad ,
Men vatte koude in 't modderbad;
Ku de ijver om ter kerk te gaan
Bragt buikpijn en geen stichting aan.
Kortom die voord was elks verdriet,
In Aimens iieedrig dorpsgebied I
Van toen de meid, (*) per bezemstok
Den schoorsteen uit daarover trok ,
Tot, na verloop van eeuAV en dag ,
De hekserij beffraven lag;
AVanneer een Kerkedienaar kwam,
Die 't oud gebrek ter harte nam,
En , op een morgen na 't sermoen,
Zijn woord aldus begon te doen:
V Mijn vrienden , in mijn prillen tijd,
Ten herder van dit oord gewijd ,
Zwom ik, met onbezweken-tróuw,
Mijn kudde voor, naar 't kerkgebouw.
Ook heden nog , hoe grijs van kin ,
Schoot ik getroost den slibkuil in;
Maar 't wil niet meer, en blijft het dus.
Zoo maakt mij vrij emeritus l
Met droogen hoest en jicht bezocht.
Verlaat my kracht en ademtogt.
Nog tweemaal als van daag doorweekt,
Helaas, dan 'heb ik uitgepreekt.
Een Brug, op *t smalste naast de voord,
Uit planken van 't geringste soort,
Ziet daar mijn wensch 1 vergeet toch niet,
Wat ge in dien poel al schoenen liet!
Denkt aao uw kostlijk zondagsgoed,
Bedorven door dien moddervloed!
Ligt vindt gij , eer het werk verjaart.
Uw voorschot dubbeld ing:espaard;
En ik behoef dan baai noch drop ,
En luik weêr als een arend op l
(*) Des Papen magct van Mmen, om tooverij verbrand,
k\ {i72, G, van Hasselt, Geld. Maandw. i D. Bladz. 4S0.
11