Boekgegevens
Titel: De muzikale vriend der jeugd, of Bevallige zangstukjes voor het opkomend geslacht: ook tot schoolgebruik
Deel: 3e en laatste stukje
Auteur: Oudshoff, W.
Uitgave: Rotterdam: Mensing en Van Westreenen, 1826
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6742
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200025
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De muzikale vriend der jeugd, of Bevallige zangstukjes voor het opkomend geslacht: ook tot schoolgebruik
Vorige scan Volgende scanScanned page
— IJ —
3.
Meisjes, Is deugd zoo heerlijk ,
Eu zoo begeerlijk ,
Wilt dan verklaren ,
Wat heil ze ons biedt.
4.
Jongens. Zij schenkt verblijden j
Zij troost in lijden.
En doet ons staren
Op 't schoonst verschiet.
5.
Meisjes, Maar die zijn leven
Wil overgeven
Aan snoode zonden,
Wat is zi]n loon.
6.
Jongens. Geen waar verblijden ;
Geen troost in lijden ,
Maar zielewonden,
Met smaad en hoon.
Allen. Komt, welberaden ,
Der zonden paden
Dan nooit bewandeld ,
Hoe d» ondeugd vleit.
8.
Dat we al ons leven
Naar braafheid streven:
Wie deugdzaam handelt ƒ
Smaakt zaligheid.
W. O.