Boekgegevens
Titel: Levensschetsen van vaderlandsche mannen en vrouwen: een schoolboek
Deel: 1e stukje
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Haarlem: Wed. A. Loosjes Pz., 1837
Maatschappij tot Nut van 't Algemeen
12e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 27 : 12e dr.
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200019
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Levensschetsen van vaderlandsche mannen en vrouwen: een schoolboek
Vorige scan Volgende scanScanned page
JAN STEEN. 59
zwaarte of inhoud hebben van dat metaal. wearvan het
gemaaltt is.] Hij vertelde zijne vrouw, wat hij daar-
voor geltregen had. Zij was daarover zeer verblijd,
en wilde terftond het geld van hem hebben, ten einde
het noodige daarvoor te koopen; doch hij antwoordde
haar, onder een hartelijk lagchen , dat hij hetzelve ge-
lukkig kwijt was; hij had zich namelijk met al het geld
naar de kroeg begeven, een gedeelte daarvan verdronken
en de rest verfpeeld. Zijne vrouw beduidde hem de
behoeftige omflandigheden, waarin zij zich bevonden,
en dat uit dien hoofde het verlies van zulk eépe fom
niet om te lagchen was. „ Hoe, vrouw 1" antwoordde
Jan: „ zou ik niet lagchen? zij meenen, dat zij mij
„ bedrogen hebben ; maar ik heb hen gefopt; want ik
„ wist, dat het goud veel te ligt was, en ik heb het
„ voor goedwegend uitgegeven} zij zullen morgen, als
„ zij het weder uitgeven willen, zien, dat ik hun te
„ flim ben geweest, ha! ha! ha! hoe zullen zij ftaan
„kijken!" •
Deze zijne vronw^ géftorven zijnde, trouwde hij met
zekere Marijtje Herküles , welke haar brood gewonnen
had met fchaapshoofdjes, pootjes en foortgelijkeii afval
te verkoopen. Dit Marijtje plaagde haren man altijd
om gefchilderd te wezen, en wel in haar zondagspak;
doch daar kwam niet van, zoodat een beroemd Leydsch
Kunstfchilder, Karel de Moor genaamd, en die veel
aan het huis van Jan Steen kwam, haar eindelijk uit-
fchilderde ; hiermede was zij wonderlijk in haar' fchik,
en liet het haren man zien, die er ook zijn genoegen over
betuigde , zeggende alleen , dat er nog iets aan c>nit)rak ,
bet.