Boekgegevens
Titel: Kort-begrip der kerkelijke geschiedenis, van de Hemelvaart van Onzen Heer Jezus Christus, tot de wederkomst van paus Pius VII te Rome, in het jaar 1814
Auteur: Lhomond, Charles Francois; Maaseland, Adrianus van
Uitgave: 's Bosch: J.J. Arkesteyn, 1825
2e dr; 1e uitg.: 1822-1823
Opmerking: Vert. van: Histoire abrégée de l'église. - 1787
Dl. 2 o.d.t.: Kort begrip der kerkelijke geschiedenis, van de Hemelvaart van Onzen Heer Jezus Christus, tot de wederkomst van paus Pius VII te Rome, in het jaar 1814
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-665
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200017
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: kerk- en dogmengeschiedenis: algemeen
Trefwoord: Kerk, Geschiedenis (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kort-begrip der kerkelijke geschiedenis, van de Hemelvaart van Onzen Heer Jezus Christus, tot de wederkomst van paus Pius VII te Rome, in het jaar 1814
Vorige scan Volgende scanScanned page
( Ó3 )
te geven; hare verkwikking cn hai-e geruststelling was
te zeggen : Jl- hen eene Christen dochter; men doet on-
der ons geen kwaad. De Diaken Sanctüs stond ook
ongeloofelijke pijnen uit. De Heidenen hoopten, hem^
het een of ander woord fe doen uiten, hetwelk zijns
onwaardig was; maar hij was standvastig genoeg, om
noch zijnen naam, noch zijn vaderland, noch zijnen
staat Ie zeggen. Op al de vragen, die men hem deed,
antwoordde hij niet dan met deze woorden: ik ben een
Christen, Zijne standvastigheid maakte den president en
de dienaren toornig: na de gewoonlijke folteringen,
maakte men koperen platen in het vuur gloeijend, en
men leide dezelve op de teederste en aandoenlijkste dee-
len van het ligchaam. De H. Martelaar voelde zijn
vleesch hranden, zonder zich in het minste te bewegen,
zonder het minste teeken van smart aan den dag te
leggen. De beulen lieten hem liggen, toen zgn ligchaam
niet dan eene wond was, Naauwelijks konde men ec
de sporen van eene menschelijke gedaante in erkennen:
al zijne leden waren plat gedrukt of gebroken, of ston-
den niet meer op hunne plaats; maar dit ligchaam, hoe
ontvormd het ook was, werd een voorwerp van ver-
wondering: het was bezield door Jp.sus CuRiiiTtJs, die er
wonderen, zijne almagt waardig, uitwerkte, en die dit
misvormde ligchaam deed dienen om den tiran te be-
schamen, den duivel te overwinnen, en ziine magt te
vernietigen. De naar bloed dorstende beulen, valtèn
den II, Martelaar op nieuw aan, om hem te folteren;
zij vleiden zich, dat zij zijne standvastigheid zouden
doen wankelen , door zijne nog ontstokene wonden we-
der te opeuen; zij raakten zijne wonden met vuur en
staal aan, toen zij in zoodanigen staat waren, dat men
naauwelijks zoude hebben kunnen uitstaan, dat men de-
zelve met den vinger aanraakte: maar zij werden in
hunne verwachting bedrogen; door eene duidelijke uit-
werking van Gods almagt, dienden de nieuwe folterin-
gen om de wonden, door de eerste veroorzaakt, te ge-
nezen, en het lij^chaam van drn II. Martelaar bevond