Boekgegevens
Titel: Kort-begrip der kerkelijke geschiedenis, van de Hemelvaart van Onzen Heer Jezus Christus, tot de wederkomst van paus Pius VII te Rome, in het jaar 1814
Auteur: Lhomond, Charles Francois; Maaseland, Adrianus van
Uitgave: 's Bosch: J.J. Arkesteyn, 1825
2e dr; 1e uitg.: 1822-1823
Opmerking: Vert. van: Histoire abrégée de l'église. - 1787
Dl. 2 o.d.t.: Kort begrip der kerkelijke geschiedenis, van de Hemelvaart van Onzen Heer Jezus Christus, tot de wederkomst van paus Pius VII te Rome, in het jaar 1814
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-665
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200017
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: kerk- en dogmengeschiedenis: algemeen
Trefwoord: Kerk, Geschiedenis (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kort-begrip der kerkelijke geschiedenis, van de Hemelvaart van Onzen Heer Jezus Christus, tot de wederkomst van paus Pius VII te Rome, in het jaar 1814
Vorige scan Volgende scanScanned page
m
60
( S6 )
men— Ik heb geenen smaak meer in al hetgene, wat
de menschen najagen; het brood , hetwelk ik wensch,
is het aanbiddelijke Vleesch van Jüsus Christus, enden
wijn, waarnaar ik verlang, is zijn dierbaar Bloed, die
hemelsche wijn, die in het hart het levendige en onsterfe-
Igke vuur van eene onvergankelijke liefde ontsteekt. Ik
ben niet meer aan de aarde gehecht, en ik zie mij
niet meer als onder de menschen levende aan. Gedenkt
in uwe gebeden aan de kerk van Jntiochië, die, van
Herder beroofd, hare hoop slelt op dengenen, die de
opperste Herder van al de kerken is ; dat Jesus Chris-
tus zich gewaardige haar bij mijne afwezendheid te be-
sturen ; ik vertrouw haar aan zijne Voorzienigheid en
aan uwe liefderijke gebeden." Hel is niet noodig om te
doen opmerken, dat de Geest Gods door dezen brief
spreekt, men ziet duidelijk dat deze niet de taal van
eenen mensch is.
XV. H O O F D D E E L
Marteldood van den II. IcuATiva.
Het Jaar 107.
Na eenen korten tijd te Smirna vertoefd te hebben,
is de H. Ignatius van daar vertrokken , om zijne reis
te vervolgen. Men maakte spoed om te Rome te komen ,
omdat de bepaalde tijd voor de schouwspelen niet verre
meer af was. JVlen wierp te Troas het anker uit; men
trok geheel Macedonië door, en, daar er op de kusten,
van üpirus een schip lag, hetwelk gereed was om in
zeepte steken, scheepte men zich in op de Adriaiische
zee; men kwam in de zee van Tashane. De wind be-
gunstigde het verlangen van den H. JWartelaar, en het •
schip kwam aan den mond van den Tiber, De Geloovigen
van Rome kwamen , op het gerucht van zijne aankomst,.
Ijem te gemoet. Zij waren verblijd hem te zien , en met
hem te spreken; maar deze blijdschap was met droefheid
vermengd; als zij er aan dachten, dat men hem ter dood
geleidde, Sommigen deden hun best om het volk te ge*.