Boekgegevens
Titel: Kort-begrip der kerkelijke geschiedenis, van de Hemelvaart van Onzen Heer Jezus Christus, tot de wederkomst van paus Pius VII te Rome, in het jaar 1814
Auteur: Lhomond, Charles Francois; Maaseland, Adrianus van
Uitgave: 's Bosch: J.J. Arkesteyn, 1825
2e dr; 1e uitg.: 1822-1823
Opmerking: Vert. van: Histoire abrégée de l'église. - 1787
Dl. 2 o.d.t.: Kort begrip der kerkelijke geschiedenis, van de Hemelvaart van Onzen Heer Jezus Christus, tot de wederkomst van paus Pius VII te Rome, in het jaar 1814
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-665
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200017
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: kerk- en dogmengeschiedenis: algemeen
Trefwoord: Kerk, Geschiedenis (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kort-begrip der kerkelijke geschiedenis, van de Hemelvaart van Onzen Heer Jezus Christus, tot de wederkomst van paus Pius VII te Rome, in het jaar 1814
Vorige scan Volgende scanScanned page
( 33 ) I
keuwen tot voedsel, en den volke tot vermaak te die-
nen. Verlangende om zijn bloed voor Jesus Curistos te
storten , verliet hij gewillig Aatiochië om naar Seleuciê
te gaan, alwaar hij zich moest inschepen. Na eene
lange en gevaarlijke zeevaart kwam hij te Smirna aan.
Zoodra hg aan land was gestapt , ging hij naar den H.
l'oLiJCAnpus, die Bisschop van Smirna was, en die,
gelijk hij, een leerling van den H. Joannes was geweest.
Zij hielden zamen een geheel geestelijk gesprek, de H.
loNATiüs betuigde de vreugde, welke hij gevoelde, om-
dat hij om Jesus Curistus geketend was. Te Smirna
waren afgevaardigden van al de nabijliggende kerken,
die hem kwamen groeten, en die zich beijverden om
eenig deel te hebben aan de geestelijke genade, waar-
van hij vol was. De H. Bisschop smeekte hen allen,
en voornamelijk den H. Polijcarpus om hunne gebeden
bg de zijne te voegen, om voor hem ^van God de gena-
te verkrijgen om voor Jesus Christus te sterven. Van
daar schreef hij brieven aan de kerken van Aüë, die vol
van den Apostolischen geest waren. Vervolgens sprak hij
den afgevaardigden, die hem bij zijnen doortogt waren ko-
men bezoeken, aan, verzocht hen ernstig om hem in
ïijne reis niet op te houden, en te dulden, dat hij spoe-
dig naar Jesus Christus mogte gaan , langs de tanden
der wilde dieren, die hem afwachtten, om hem fe ver-
scheuren. Daar hij vreesde, dat de Christenen van iïo?Bs
eenig beletsel zouden stellen aan zijn brandend verlangen
oQi voor God te sterven, schreef hij hun door eenige
l^phesers, die er vóór hem moesten aankomen, eenea
^eer schoonen brief, om zulks te beletten.
XIV. HOOFDDEEL.
Brief van den H, Ionatiüs aan de Geloovigen van Rome.
De 11. Ignatius begint den brief, dien hij aan de
Geloovigen van Rome schreef, raet hui zijne vreugde td
" a