Boekgegevens
Titel: Kort-begrip der kerkelijke geschiedenis, van de Hemelvaart van Onzen Heer Jezus Christus, tot de wederkomst van paus Pius VII te Rome, in het jaar 1814
Auteur: Lhomond, Charles Francois; Maaseland, Adrianus van
Uitgave: 's Bosch: J.J. Arkesteyn, 1825
2e dr; 1e uitg.: 1822-1823
Opmerking: Vert. van: Histoire abrégée de l'église. - 1787
Dl. 2 o.d.t.: Kort begrip der kerkelijke geschiedenis, van de Hemelvaart van Onzen Heer Jezus Christus, tot de wederkomst van paus Pius VII te Rome, in het jaar 1814
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-665
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200017
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: kerk- en dogmengeschiedenis: algemeen
Trefwoord: Kerk, Geschiedenis (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kort-begrip der kerkelijke geschiedenis, van de Hemelvaart van Onzen Heer Jezus Christus, tot de wederkomst van paus Pius VII te Rome, in het jaar 1814
Vorige scan Volgende scanScanned page
( )
de landen, zelfs de. gevaren der groote zee trotseren, om <
zich naar een ander half wereldrond te begeven, om al-
daar hare dagen te kunnen eindigen in den Staat, waar-
aan zg zich hadden toegewgd» Hier werd alzoo bewaar-
heid hetgene, wat de Apostel zegt (i. Cor. I, 27): God
heeft degene, die dwaas voor de wereld zgn, uitverko-
ren, om de hoovaardg der zoogenaamde JVgzen te
beschamen; en die zwak naar de wereld zgn, heeft Hg
•verkoren, om de zoogenaamde sterke geesten te beschamem
Men beging al deze gsselgkheden onder eene Constitu-
tie , waarvan een der eerste hoofdpunten was de vrgheid
en onverschilligheid van allerlei eerdiensten te belgden;
maar deze vrijheid was maar voor de dwaling, en voor
de verachting van den Godsdienst. Men had ook maar
eene nieuwe Kerk opgeregt, en al de Sekten begunstigd
om hen tegen de ware Catholgken te wapenen, en dien
Godsdienst te onderdrukken , welk alléén in Frankrgk
sedert de stichting der Monarchie geheerscht had, en
deszelfs geluk had uitgemaakt. Toen men er in meende
geslaagd te zgn: verbrak men al de werktuigen en de
teekenen van den Godsdienst, üe bouwvallen van zoo vele
heerlijke Tempels, gedenkstukken van de godsvrucht on-
zer Voorvaders, die het voornaamste sieraad der steden
uitmaakten; de vervallen overblijlsels van zoo vele Kloos-
ters , in welke de armen eene genoegzame ondersteuning
vonden, deze bouwvallen, die nu den grond van Frank-
rgk en van Nederland bedekken, en die de sleden ont-
sieren en als met puinhoopen vullen, zullen nog eeuwen
lang getuigen der dweeperg van de Filosofen zgn, die
zich zoo zeer vermaakten met onder dien naam den Gods-
dienst te beschrijven, welk deze gedenkstukken had op-
geregt; zij zullen getuigen hunner onverdraagzaamheid
Kijn, van diegene, die, vóór dat zg konde heerschen;
niet dan de verdraagzaamheid predikten. Men bleef daar
niet bg, men vernietigde allen uiterlijk en eerdienst, en
het Bewind stelde tot grondslag eener nieuwe Constituiia
de wet, van er niet éénen te erkennen; en ondertus-
Gchen door eene genoegzame bgzondere tegenstrgdigheid.