Boekgegevens
Titel: Kort-begrip der kerkelijke geschiedenis, van de Hemelvaart van Onzen Heer Jezus Christus, tot de wederkomst van paus Pius VII te Rome, in het jaar 1814
Auteur: Lhomond, Charles Francois; Maaseland, Adrianus van
Uitgave: 's Bosch: J.J. Arkesteyn, 1825
2e dr; 1e uitg.: 1822-1823
Opmerking: Vert. van: Histoire abrégée de l'église. - 1787
Dl. 2 o.d.t.: Kort begrip der kerkelijke geschiedenis, van de Hemelvaart van Onzen Heer Jezus Christus, tot de wederkomst van paus Pius VII te Rome, in het jaar 1814
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-665
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200017
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: kerk- en dogmengeschiedenis: algemeen
Trefwoord: Kerk, Geschiedenis (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kort-begrip der kerkelijke geschiedenis, van de Hemelvaart van Onzen Heer Jezus Christus, tot de wederkomst van paus Pius VII te Rome, in het jaar 1814
Vorige scan Volgende scanScanned page
( aog )
aan die Bisschoppen, waarin hij zegf, dat de Souverein
beloofd heeft aan de Bisschoppen, de geheele en volko-
mene/uitoefeuiiig hunner regten over te laten, zoo ten
opzigte der Bisschoppelijke kweekscholen, ais ten opzig-
te van al de geestelijke zaken, zoo dat alles weder op
den ouden voet moest hersteld worden, liindelijk betuigde
de keizer, kort vóór zijnen dood, die den 20 Februarij
1790 voorviel, zijn leedwezen, dit hij die nieuwe inrig-
tingen had aangenomen; maar hij had den tijd niet om
al het kwaad, hetwelk hij gedaan had, te vergoeden:
ondertusschen gaf hij acht dagen vóór zijnen dood een
bevelschrift uit, waardoor hij al zijne vorige verordeninr
gen in geestelijke zaken , en hoofdzakelijk het bevelschrift ,
aangaande de huwelijken , herriep en vernieligde. üeze
wederkeering van Jozef II., tot de goede grondbeginsels ,
op een tijdstip, waarop de waarheid zich gewoonlijk on-
gehuld vertoont, en waarop de vooroordeelen verdwijr
nen, is nog eene zegepraal voor den Godsdienst geweest.
Al overlang waren onmerkbaar de grondbeginsels, welke
de regeringloosheid in de Kerk en in den Staat moesten
brengen, verspreid, en baanden den weg tot de verschrik-
kelijkste omwenteling , welke er ooit geweest was. Pxus
VI. maakte , bij zijne aankomst tot de Pauselijke waar-
digheid, het droevigste tafereel van die"" grondbeginsels
in zijnen rondgaanden brief van den 26 December 1775 ,
aan de Disschoppen der Catholijke Kerk. n Gij, mijne
eerwaardige broeders," zeide hij, » gij die tot wachten
in Is/aël zijt aangesteld, gij ziet zelve, op welke zege-
praal de Filosofie zich overal beroemt, die Filosofie, die,
vol van arglistige bedriegerijen, hare goddeloosheid on-
der dien schoonen naam verbergt; gij ziet, hoe ligtvaar-i
dig zij de volken lot hare partij overhaalt en medesleept.
Wie zou in staat zijn om de verderfelijke leer dezer Fi-
losofie, hare afschuwelijke ongerijmdheden te beschrgven,
of er zich zelfs een denkbeeld van te vormen V .... Deze
Filosofen drijven hunne goddeloosheid zoo ver, dat zij
zich inbeelden, of dat er geen God bestaal, of dat Hij
zoo vadzlg en onbekommerd is, dat Hg zich met on--