Boekgegevens
Titel: Kort-begrip der kerkelijke geschiedenis, van de Hemelvaart van Onzen Heer Jezus Christus, tot de wederkomst van paus Pius VII te Rome, in het jaar 1814
Auteur: Lhomond, Charles Francois; Maaseland, Adrianus van
Uitgave: 's Bosch: J.J. Arkesteyn, 1825
2e dr; 1e uitg.: 1822-1823
Opmerking: Vert. van: Histoire abrégée de l'église. - 1787
Dl. 2 o.d.t.: Kort begrip der kerkelijke geschiedenis, van de Hemelvaart van Onzen Heer Jezus Christus, tot de wederkomst van paus Pius VII te Rome, in het jaar 1814
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-665
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200017
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: kerk- en dogmengeschiedenis: algemeen
Trefwoord: Kerk, Geschiedenis (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kort-begrip der kerkelijke geschiedenis, van de Hemelvaart van Onzen Heer Jezus Christus, tot de wederkomst van paus Pius VII te Rome, in het jaar 1814
Vorige scan Volgende scanScanned page
( i3o )
CLXXIX. HOOFDDEEL.
Lter der Kerkvergadering omtrent de Voldoening.
De heilige Kerkvergadering verklaart, dat het volstrekt
valsch, en strijdig met het woord Gods is, te zeggen,
dat God nooit de schuld vergeeft, zonder ter zelfder tijd
al de straf kwijt te schelden: want behalve het gezag
der goddelijke Overlevering, worden er in de H. Schrift
aanmerkelijke voorbeelden gevonden, die dezer dwaling
openbaar tegenspreken. En gewis schgnt de orde der
goddelgke geregtigheid te vorderen, dat Hg anderzins
in zgne genade weder aanneme degene, die voor het H.
Doopsel door onwetendheid gezondigd hebben, en ander-
zins degene die na eens verlost te zijn geweest van de
slaverng des duivels, en na de gaaf van den Heiligen
Geest ontvangen te hebben, niet geschroomd hebben met
cpzettelijken wil den Tempel Gods te schenden, en den
Heiligen Geest te bedroeven. Het komt zelfs met Gods
goedertierenheid overeen,,dat onze zonden ons aldus niet
vergeven worden zonder eenige voldoening, uit vrees,
dat wg daardoor in de gelegenheid zouden komen om te
denken, dat onze zonden ligt zijn, en alzoo met ver-
smading van den Heiligen Geest tot zwaardere boosheden
zouden vervallen , en ons alzoo eenen schat van gram-
schap op den dag van wraak op onze hoofden vergadereu.
Want het is zeker, dat deze straffen, die opgelegd wor-
den om voor de zonden te voldoen, ons terug houden
van te zondigen, en dat zij als een toom zijn , die de
zondaars bedwingt, door hen te verpligten, om voortaan
waakzamer en beter op hunne hoede te zijn. Ten an-
dere dienen zg tot geneesmiddelen om de overblgfsels
der zonden te genezen, en om, door de oefening van
tegenovergestelde deugden, de kw^ade gewoonten , die
men door een zondig en ongeregeld leven heeft aange-
wend, af te leggen. Daarenboven heeft de Kerk altgd
geloofd, dat er geen zekerder weg is, om de kastgding