Boekgegevens
Titel: Kort-begrip der kerkelijke geschiedenis, van de Hemelvaart van Onzen Heer Jezus Christus, tot de wederkomst van paus Pius VII te Rome, in het jaar 1814
Auteur: Lhomond, Charles Francois; Maaseland, Adrianus van
Uitgave: 's Bosch: J.J. Arkesteyn, 1825
2e dr; 1e uitg.: 1822-1823
Opmerking: Vert. van: Histoire abrégée de l'église. - 1787
Dl. 2 o.d.t.: Kort begrip der kerkelijke geschiedenis, van de Hemelvaart van Onzen Heer Jezus Christus, tot de wederkomst van paus Pius VII te Rome, in het jaar 1814
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-665
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200017
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: kerk- en dogmengeschiedenis: algemeen
Trefwoord: Kerk, Geschiedenis (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kort-begrip der kerkelijke geschiedenis, van de Hemelvaart van Onzen Heer Jezus Christus, tot de wederkomst van paus Pius VII te Rome, in het jaar 1814
Vorige scan Volgende scanScanned page
( 73 ) \
%RW.ot\, Jlg had naauwelijks zes duizend mannen overig,
een al te klein getal om iets te ondernemen. Hij be-
sloot echter, op verzoek der Christenen van dat land, om
er eenigen tijd le blijven; maar hij zond zijne twee
broeders, ALro.sscs.van Poitiers , en KAnp.i. van Anjou
naar Frankrijk lenig. De vorst bezocht gedurende zijn
verblijf in het heilige Land de heilige Plaatsen met de
teederste gevoelens van godsvrucht, en gaf teekenen van
den aandoenlijksten eerbied voor die heilige Plaatsen.
Op den dag van Mahia - JJoodschap naar Nazareth ge-
gaan , stapte hij , zoodra hij die heilige Plaats maar van
verre ontwaar werd , van het paard af, viel op zgne
kniën; hij deed veivolgens den overigen weg te voet af,
ofschoon hij zeer vermoeid was, en dien dag op water
en brood gevast had. Hij had een uitterst verlangen om
naar Jeruzalem \.t gaan, en de Sultan, in wiens magt het
toen was, had er zijne bewilliging toegegeven ; maar men
bragt hem onder het oog, dat, zoo hij in die heilige Stad
kwam zonder haar te verlossen , al de koningen, die nader-
hand in Palestina zouden komen, zouden meenen aan hun-
ne gelofte voldaan te hebben , en zich zouden tevreden stel-
len, met op zijn vcorbeeld er enkel uit godsvrucht eens naar
loe te reizen. Dit heeft hem van dit voornemen doen afzien.
Hg besteedde al den tijd van zijn verblijf in Pfl/üsJwja.om
de zaken der Christenen van dat land in beteren slaat te
stellen; de plaatsen, die zij er nog hadden, op zijne
kosten er verbeterende en versterkende. Ilij was met
al deze groote werken bezig, toen hij de tijding kreeg
van den dood der koningin Èlakka , zijner moeder. Hij
beweende haar bitterlijk, maar als een Christen, met
eene volkomene overpevitig aan den wil Gods»; hg ging
voor het altaar nederknielen , en bad God in dézer voe-
„ : s O God! ik bedank U, dat Gij mijne moeder, die
al mijne genegenheid overwaardig is, tot hier toe in het
leven hebt gespaard: zij was voor mij een geschenk van
uwe barmhartihheid; Gij neemt het weder als uw eigen
goed: ik mag daar niet oyer klagen, Wel is waar, dat
11 Dtj;L. 4