Boekgegevens
Titel: Kort-begrip der kerkelijke geschiedenis, van de Hemelvaart van Onzen Heer Jezus Christus, tot de wederkomst van paus Pius VII te Rome, in het jaar 1814
Auteur: Lhomond, Charles Francois; Maaseland, Adrianus van
Uitgave: 's Bosch: J.J. Arkesteyn, 1825
2e dr; 1e uitg.: 1822-1823
Opmerking: Vert. van: Histoire abrégée de l'église. - 1787
Dl. 2 o.d.t.: Kort begrip der kerkelijke geschiedenis, van de Hemelvaart van Onzen Heer Jezus Christus, tot de wederkomst van paus Pius VII te Rome, in het jaar 1814
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-665
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200017
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: kerk- en dogmengeschiedenis: algemeen
Trefwoord: Kerk, Geschiedenis (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kort-begrip der kerkelijke geschiedenis, van de Hemelvaart van Onzen Heer Jezus Christus, tot de wederkomst van paus Pius VII te Rome, in het jaar 1814
Vorige scan Volgende scanScanned page
( 8 ) I
geest naar den tempel, en het brood langs de hulxen
Lrekende, namen zij hun voedsel met verheuging en een-
voudigheid des harten, gezamenlijk God lovende, zoo-
dat zg bij al het volk bemind waren. Er geschifedden
vele teekenen en mirakelen onder het volk, door de han-
den der Aposlelen, en zij waren allen eendragtig. Nie-
mand der anderen durfde zich bij hen in den tempel
voegen ; maar hel volk hield hen in groote achting , en
het getal dergener, die in den Heer geloofden, zoo van
mannen als vrouwen , werd meer en meer vermenigvuN
digd: aldus vestigde zich de Kerk, wandelende in de
vrees des Heeren , en zij werd vervuld met de vertroos-
ting van den Heiligen Geest. De geschiedschrijver spreekt
van de kerk te Jeruzalem : alhoewel de andere kerken,
voornamelijk uit bekeerde Heidenen bestaande, dezen
verhevenen trap van volmaaktheid niet bezaten; waren
zg echter wonderen van deugd en van heiligheid, als
men Iet op het;, ene, wat de Heidenen voor hunne bekee-
riug waren geweest. Zoodra zij gedoopt waren, zag men
in hen niet meer hetgene, wat zij voor hunne bekeering
geweest waren j zij begonnen een nieuw leven telejden,
zg wandelden gansch naar den inwendigen mensch,
gansch naar den geest, en hetgene^ wat hun te vorea
onmogelijk voorkwam, konden zij nu gemakkelijk ten
uitvoer brengen: zij, die te voren slaven van den wel-
lust geweest waren , werden op eenmaal kuisch en ma-
tig; de heersch/.uchtigen zagen nu geene vaste en be-
stendige grootheid dan in het kruis; al de hartslog-
ten waren overwonnen, allerlei deugden werden ge-
oefend; zfj zagen van de zoetigheden, en van de ge-;
makkelijkheden des levens af; de aibeid eii de stille;
eenzaamheid, het vasten, en dc stilzwijgendheid was
hun aangenaam. Hunne eerste en voornaamste bezig-
heid was het gebed, hetwelk de H. 1'aulus ook voor-
namelijk aanbeveelt; en daar hij vermaant om volgens
het bevel van' Jesus Cunisrus, zonder ophouden te
bidden, zoo wendden zg allerlei middelen aan, om
zoo min, als het maar mogelijk was, hunnen gee^t