Boekgegevens
Titel: Kort-begrip der kerkelijke geschiedenis, van de Hemelvaart van Onzen Heer Jezus Christus, tot de wederkomst van paus Pius VII te Rome, in het jaar 1814
Auteur: Lhomond, Charles Francois; Maaseland, Adrianus van
Uitgave: 's Bosch: J.J. Arkesteyn, 1825
2e dr; 1e uitg.: 1822-1823
Opmerking: Vert. van: Histoire abrégée de l'église. - 1787
Dl. 2 o.d.t.: Kort begrip der kerkelijke geschiedenis, van de Hemelvaart van Onzen Heer Jezus Christus, tot de wederkomst van paus Pius VII te Rome, in het jaar 1814
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-665
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200017
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: kerk- en dogmengeschiedenis: algemeen
Trefwoord: Kerk, Geschiedenis (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kort-begrip der kerkelijke geschiedenis, van de Hemelvaart van Onzen Heer Jezus Christus, tot de wederkomst van paus Pius VII te Rome, in het jaar 1814
Vorige scan Volgende scanScanned page
( )
^'n Normandii) en cgne dochter ten huwelqk aan, soo
hq zich wilde laten onderwqzen en Christen worden,
De voorwaarde werd aangenomen, en het traktaat ge-
sloten. De Aartsbisschop van Bouaan onderwees den
Prins in de geheimen van het Geloof, en doopte hem in
het begin van het jaar 912. Deze bekeering, die uit
staatkunde scheen voort te komen, is echter zeer op-
regt geweest. Het aanbod, hetwelk aan Rollon was
gedaan, was maar eene door de Voorzienigheid beschikte
gelegenheid om dien Prins en zqn volk tot het Geloof
te brengen. Terstond na zijn Doopsel vraagde de nieu-
we Hertog den Aartsbisschop, welke kerken in zijn Bis-
dom het meest vereerd werden. De Kerkvoogd noemde
hem de kerken op van Onze Lieve Vrouw te Bouaan,
te Daqeux, en te Evreux; die van Mont-Sint-Michel,
die van den H. Pbtrvs te Bouaan, en te Jumiège. De
Hertog vraagde hem nog: a Welke Heilige is in onze
streken de vermögendste bq God?" n De H. Dionysius,
de Apostel van Frankrgk," antwoordde de Aartsbisschop.
B Wel nuzeide de Hertog, » eer ik mqn Landgoed
onder mqne Officieren verdeel, wil ik er een deel van
aan God, aan de H. Maagd, en aan de Heiligen, die
gq mq hebt opgenoemd, geven, om hunne bescherming
te verkrijgen." Inderdaad, gedurende de zeven eerste
dagen na zqn Doopsel, en gedurende welke hq volgens
de gewoonte het witte kleed droeg, gaf hq iederen dag
eenige landerijen aan de eene of andere van de, hem
opgegevene, kerken. Vervolgens verdeelde hq de landen
van zqn Hertogdom onder zqne leenmannen. Hij had
zorg gedragen om zqne Officieren en zijne onderdanen in
het Geloof te doen onderwijzen; zij werden bijna allen
gedoopt. De genade bragt hetgene, wat in zgnen oor-
sprong menschelijk was geweest, tot zijne volmaaktheid.
Men zag eene schielijke verandering in het gedrag van
dat volk. Het Geloof in Jesus Christus was alleen in
staat om een zoo wcest, en zoo oorlogzuchtig volk als
de Noormannen waren, te bedwingen en te beschaven.
De hertog Rollos scheen na zijne bekeering zoo bemin-