Boekgegevens
Titel: Kort-begrip der kerkelijke geschiedenis, van de Hemelvaart van Onzen Heer Jezus Christus, tot de wederkomst van paus Pius VII te Rome, in het jaar 1814
Auteur: Lhomond, Charles Francois; Maaseland, Adrianus van
Uitgave: 's Bosch: J.J. Arkesteyn, 1825
2e dr; 1e uitg.: 1822-1823
Opmerking: Vert. van: Histoire abrégée de l'église. - 1787
Dl. 2 o.d.t.: Kort begrip der kerkelijke geschiedenis, van de Hemelvaart van Onzen Heer Jezus Christus, tot de wederkomst van paus Pius VII te Rome, in het jaar 1814
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-665
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200017
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: kerk- en dogmengeschiedenis: algemeen
Trefwoord: Kerk, Geschiedenis (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kort-begrip der kerkelijke geschiedenis, van de Hemelvaart van Onzen Heer Jezus Christus, tot de wederkomst van paus Pius VII te Rome, in het jaar 1814
Vorige scan Volgende scanScanned page
( 234 ) \
te bewerken, veroordeelde hg die zelf, maar onder deze
voorwaarde: Behoudens het gezag der Kerkvergadering
van Calcedo, en zonder de personen te krenken, Einde-
lgk besloot men om eene algemeene Kerkvergadering te
Konstantinopel bijeen te roepen , om een einde aan al
deze verschillen te maken. JVIen onderzocht er die drie
Schriften, die er zeer bestreden werden, en men ver-
oordeelde dezelve, maar zonder het gezag der Kerkverga-
dering van Calcedo fe krenken. De Vaders verklaarden
zelfs uitdrukkelijk, dat zij zich aan het Geloof van de
vier eerste Kerkvergaderingen hielden, en stelden aldus
die van Calcedo in denzelfden rang met de drie andere.
Zg oordeelden, dat men billijk de Schriften konde ver-
oordeelen, zonder den persoon hunner Schrijvers te ver-
oordeelen. De Paus Vigiliüs bekrachtigde dit besluit, en
de geheele Kerk zoo in het Oosten als in het Westen
nam het aan. Deze Kerkvergadering werd aldus beschouwd
als de vijfde algemeene Kerkvergadering. Men ziet er
een merkwaardig voorbeeld van de magt, die de Kerk
heeft om Schriften fe veroordeelen, om uitsprak te doen
over den zin der Boeken, en om te vorderen, dat de
Geloovigen zich aan haar oordeel onderwerpen. Dit gezag
is haar in de daad noodzakelijk tot behoud van het Ge-
loof, omdat een der geschiktste middelen om het pand
der waarheden , welke zij leert, te behouden, is, aan de
Geloovigen de zuivere bronnen te doen kennen, %vaaruil
zg moeten putten, en de door dwaling vergiftigde wa-
terbakken, welke zij moeten vermgden. Door haren
goddelgken Stichter belast om de zuivere Leer te onder-
wgzen, heeft zij ten zelfden tijde van Hem de magt
ontvangen, om hare kinderen tegen de kwade leer te
beschuiten, en hun het lezen van zoodanige boeken te
verbieden, waarin deze vervat is, en die hun Geloof
ïouden kunnen vervalschen.