Boekgegevens
Titel: Kort-begrip der kerkelijke geschiedenis, van de Hemelvaart van Onzen Heer Jezus Christus, tot de wederkomst van paus Pius VII te Rome, in het jaar 1814
Auteur: Lhomond, Charles Francois; Maaseland, Adrianus van
Uitgave: 's Bosch: J.J. Arkesteyn, 1825
2e dr; 1e uitg.: 1822-1823
Opmerking: Vert. van: Histoire abrégée de l'église. - 1787
Dl. 2 o.d.t.: Kort begrip der kerkelijke geschiedenis, van de Hemelvaart van Onzen Heer Jezus Christus, tot de wederkomst van paus Pius VII te Rome, in het jaar 1814
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-665
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200017
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: kerk- en dogmengeschiedenis: algemeen
Trefwoord: Kerk, Geschiedenis (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kort-begrip der kerkelijke geschiedenis, van de Hemelvaart van Onzen Heer Jezus Christus, tot de wederkomst van paus Pius VII te Rome, in het jaar 1814
Vorige scan Volgende scanScanned page
( 223 ) \
gadering ran Calcedo, die hen veroordeeld had, te ontf
zenuwen. Zie hier, welk middel zij in het werk stelden,
om dat doel te bereiken. Ten tijde van Nestorius wa-
ren er drie werken uitgekomen, die dezen Aartskettec
gunstig waren; namelijk, de Schriften vanTueodoretus,
Bisschop van Cijrus, tegen den H, Ciirileus; de brief
van Ieas, Bisschop Edesse; tn de Schriften van Tur.o«
Donus, Bisschop van Mopsueste. Deze drie werken, die
men de drie Capitula noemde, waren in de daad be-
rispelijk ; maar hunne Schrijvers schenen die herroepen
te hebben, met in de Kerkvergadering te Calcedo eene
belijdenis van het opregle Geloof af ta leggen. De Va-
ders der Kerkvergadering, die hierom niet waren bjeen
gekomen, onderzochten de drie Capitula niet; zij hiel-
den zich hiermede tevreden, dat hunne Schrgvers het
banvonnis over Nestorius uitspraken. Theodoretus en
Iras deden het: Tueodorus was reeds overleden. Op
deze verklaring van die twee Bisschoppen nam men hun-
ne personen aan, zonder iets over hunne werken te spre-
ken. De Eutijchianen, die der Kerkvergadering van Cal-
cedo haar gezag zochten te benemen, wilden tegen deze
Kerkvergadering gebruik maken van hare stilzwijgendheid
ten opzigte van de drie Capitula ; omdat men er de
Schrijvers van als regtgeloovigen had aangezien. Zij dron-
gen sterk aan op de veroordeeling van de drie Capitula ,
en zij kregen den keizer Justinianus in hunne belangen.
Deze vorst, die zijne magt tot de zaken van den Gods-
dienst wilde uitstrekken, gaf een bevelschrift uit, waarin
hij deze drie Schriften veroordeelde. De Catholigken, hoe-
wel zij de leer van deze Schriften niet goedkeurden, en
bekenden, dat zg berispelijk was, vreesden, door die te
brandmerken, het gezag der Kerkvergadering te kort te
doen, en dat de Eutijcheanen om deze veroordeeling zou-
den meenen te zegepralen. Deze zaak maakte veel ge-
rucht. De Paus Vioilius weigerde in het eerst zijne
goedkeuring aan het bevelschrift van den keizer tegen de
drie Capitula te geven, uit vrees van de Eutijcheanen
aan te hitzen; naderhand, hopende hierdoor den vrede