Boekgegevens
Titel: Kort-begrip der kerkelijke geschiedenis, van de Hemelvaart van Onzen Heer Jezus Christus, tot de wederkomst van paus Pius VII te Rome, in het jaar 1814
Auteur: Lhomond, Charles Francois; Maaseland, Adrianus van
Uitgave: 's Bosch: J.J. Arkesteyn, 1825
2e dr; 1e uitg.: 1822-1823
Opmerking: Vert. van: Histoire abrégée de l'église. - 1787
Dl. 2 o.d.t.: Kort begrip der kerkelijke geschiedenis, van de Hemelvaart van Onzen Heer Jezus Christus, tot de wederkomst van paus Pius VII te Rome, in het jaar 1814
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-665
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200017
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: kerk- en dogmengeschiedenis: algemeen
Trefwoord: Kerk, Geschiedenis (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kort-begrip der kerkelijke geschiedenis, van de Hemelvaart van Onzen Heer Jezus Christus, tot de wederkomst van paus Pius VII te Rome, in het jaar 1814
Vorige scan Volgende scanScanned page
V
( 179 )
jjoNiüs, een Halve-Ariaan, die wederregtelqk bezit had
genomen van den Bisschoppelijken stoel van Konstanti'
nopel. Gedurende vele jaren had zij zich onder den man-
tel van het Ariauendom verborgen , en zij had midden
onder de groote onlusten, die de Arianen verwekten,
geen bijzonder gerucht gemaakt: ondertusschen was de
H. Athanasius, wien niets van helgene, wat het Geloot
aanging ontglipte, er, van het begin der regering van
Valens af, van onderrigt geweest, en hij had opzettelijk
eene verhandeling geschreven om haar te bestrijden. l)e
H. Leeraar bewijst in dit werk, dat de kerk altijd ge-
loofd en geleerd heeft, dat er eene Drievuldigheid in God
is, en dat de H. Drievuldigheid, of, de drie Personen
in de H. Drievuldigheid eene eenige en zelfde Natuur
hebben; dat zij één eenige en zelfde God zijn. Hij be-
wijst door de H. Schrift, dat de Heilige Geest God is;
dat hetgene, wat aan Hem wordt toegeschreven, niet dan
aan God toekomt, als, een heiligmakend, levendmakend ,
onveranderlijk, oneindig Wezen. Hij verzekert openlijk
op het einde dezer verhandeling, dat hij niets gezegd
heeft, dan hetgene, wat men hem geleerd heeft, de Leer
der Apostelen te zijri. Toen de Arianen hun aanzien
begonnen te verliezen, namen de Macedonianen deze
gelegenheid waar, en speelden eene bijzondere rol. Hun-
gedrag scheen geregeld, hun uiterlijk voorkomen zeer
deftig, en hunne levenswijs streng te zijn. Daar hot volk
zich ligtelijk door deze schijndeugden laat bedriegen,
maakten de Macedonianen eene sekte, en hunne partij,
kreeg aanzien in de stad Konsiantinopel. Deze nieuwe,
ketterij verspreidde zich zelfs in ThracU, In Bithgnië tn
in de Helkspontus, De keizer Theodosius , die op Va-
lens was gevolgd, heiligde het begin zijner regering door
zijnen ijver om den voortgang der dwaling te stuiten. Die
vorst, wien zijne scboone heldendaden, en nog meer zij-
ne groote godsvrucht, en zgne liefde voor de Kerk, den
bijnaam van de Groote verdiend hebben, gaf, kort na
zijn doopsel, eene vermaarde wet uit, waarin hij de ge-
meenschap met de Kerk van Home bepaalde ais eea ze-