Boekgegevens
Titel: Kort-begrip der kerkelijke geschiedenis, van de Hemelvaart van Onzen Heer Jezus Christus, tot de wederkomst van paus Pius VII te Rome, in het jaar 1814
Auteur: Lhomond, Charles Francois; Maaseland, Adrianus van
Uitgave: 's Bosch: J.J. Arkesteyn, 1825
2e dr; 1e uitg.: 1822-1823
Opmerking: Vert. van: Histoire abrégée de l'église. - 1787
Dl. 2 o.d.t.: Kort begrip der kerkelijke geschiedenis, van de Hemelvaart van Onzen Heer Jezus Christus, tot de wederkomst van paus Pius VII te Rome, in het jaar 1814
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-665
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200017
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: kerk- en dogmengeschiedenis: algemeen
Trefwoord: Kerk, Geschiedenis (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kort-begrip der kerkelijke geschiedenis, van de Hemelvaart van Onzen Heer Jezus Christus, tot de wederkomst van paus Pius VII te Rome, in het jaar 1814
Vorige scan Volgende scanScanned page
( 169 ) \
Catholgken allerlei mishandelingen te Igden: versmaad-
heden , verbeurtverkiaring der goederen, gevangenis, de
doodstraf, alles werd tegen hen in het werk gesteld. Het
klagen werd hun tot eene misdaad aangerekend; en zie,
onder vele anderen, er hier een voorbeeld van. De
Geloovigen van Konstantinopel, die zich niet konden
verbeelden, dat de keizer de verdrukkingen, welke zij
leden, door zrjn gezag goedkeurde, zonden tachtig deugd-
zame Geestelijken als afgevaardigden naar hem toe, om
over deze buitensporige kwellingen te klagen. Valens
hoorde hunne klagten aan, en ontveinsde zgne gram-
schap ; maar hij gaf bevel aan Modestus , Prefekt van
het geregtshof, om hen ter dood te brengen. De Pre-
fekt, voor eenen oproer in de stad vreezende, zoo men
hen openlgk ter dood bragt, sprak tegen hen een ban-
vonnis uit; waaraan zij zich met vreugde onderwier-
pen. Men scheepte hen allen in hetzelMe schip in, en
de matrozen, die hen geleidden, hadden last gekregen
om het schip in brand te steken, zoodra het buiten het
gezigt van den oever zoude zijn. Van deze tachtig Pries-
ters , ontkwam er niet een eenige; zij kwamen allen ora
in de vlammen of in het water. Zoo haast als de Monni-
ken , het gevaar, waarin de Kerk van het Oosten was,
vernomen hadden ; begrepen zg, dat zij haar, zoo veel
in hun vermogen was, moesten te hulp komen: zg ver-
lieten hunne eenzame plaatsen, om hunne broeders aan
te moedigen. Een hunner, een eerwaardig man om zijne
hooge jaren, en om zijne heiligheid, werd van den kei-
zer ontdekt: «'Waar gaat gij henen," zeide hem deze
vorst, I) waarom blijft gij niet liever in uwe kluis, dan
dat gij alzoo de steden doorloopt, en het volk tot oproer
aanzet ?" De H. Grijsaard antwoordde hem met die
kloekmoedigheid, die door eenen brandenden ijver wordt
ingegeven: u O vorst! ik ben in mijne eenzame plaats
gebleven, zoo lang de schapen van den hemelschen Her-
der in vrede zijn geweest; maar nu, daar ik die ontrust
en bijna verscheurd zie, zou het mij dan voegen om ge-v
I. Düel, 8