Boekgegevens
Titel: Kort-begrip der kerkelijke geschiedenis, van de Hemelvaart van Onzen Heer Jezus Christus, tot de wederkomst van paus Pius VII te Rome, in het jaar 1814
Auteur: Lhomond, Charles Francois; Maaseland, Adrianus van
Uitgave: 's Bosch: J.J. Arkesteyn, 1825
2e dr; 1e uitg.: 1822-1823
Opmerking: Vert. van: Histoire abrégée de l'église. - 1787
Dl. 2 o.d.t.: Kort begrip der kerkelijke geschiedenis, van de Hemelvaart van Onzen Heer Jezus Christus, tot de wederkomst van paus Pius VII te Rome, in het jaar 1814
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-665
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200017
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: kerk- en dogmengeschiedenis: algemeen
Trefwoord: Kerk, Geschiedenis (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kort-begrip der kerkelijke geschiedenis, van de Hemelvaart van Onzen Heer Jezus Christus, tot de wederkomst van paus Pius VII te Rome, in het jaar 1814
Vorige scan Volgende scanScanned page
( 152 ) \
welke geest de scheurmakers bezielt, en tot welke ver'
woedbeden zq overgaan, als zij door de wereldlqke op-
permagt ondersteund worden. De gewelddadige indrin-
ging van Ghegorius had in Alexandrië den schrik ver«
spreid. De kerken die nog (open waren, waren vol van
Catholqken. De keizerlijke ambtman bragt het gepeu-
pel, de Joden, en het toomelooze volk op zijne zqde. Hij
bragt de veehoeders en de onbeschaamdste jonge lieden
van de openbare wegen bijeen: hg hitste hen aan, en
zond hen troepswgze tegen de Catholijken, die zich in
de kerken begeven hadden. Sommigen werden onder den
voet getrapt, anderen doodgeslagen of neergehouwen. De
Priesters werden voor de vierschaar van den landvoogd
gesleept, en in tegenwoordigheid van Gregoriiis gesla-
gen, als zij weigerden oia met de goddeloozen kerkelijke
gemeenschap te houden. De aan God gewijde iMaagden
werden ontkleed, en met roeden gegeeseld. Men ont-
nam den Dienaren der kerk bet brood, om ben van
honger te doen sterven; en hetgene, wat deze handelwijs
nog afschuwelgker maakte, was, dat het gebeurde kort
voor het Paascbfeeft. Zelfs op den Góeden-Vrijdag ging
Gbegoriüs onder eene bedekking van Heidensche solda-
ten in eene kerk, waarvan hij zich wilde meester ma-
ken, en deed vier en dertig personen , welker meesten
maagden en eerbare vrouwen waren, openbaar geeselen.
Aldus maakte hij zich meester van al de kerken , zoodat
de Geéstelgkheid en het Catholijke volk genoodzaakt wa-
ren, of om niet naar de Heilige-plaats te gaan,of om met
den ingedrongenen gemeenschap te houden. De Paus
verdedigde den H. Athanasius ; en hij verklaarde, ia
eene kerkvergadering van honderd zeventig Bisschoppen,
de aanstelling van den ingedrongenen voor nietig; doch
dit belette niet, dat de vijanden van Athanasius na
den dood van Gbegorius eenen opvolger benoemden, en
al de vorige tooneelen der eerste indringing vernieuwde.
De scheurmakers ontrustten het volk, welk vergaderd
was om te bidden. Zij haalden vele maagden uit hare
huizen, en mishandelden anderen langs de straten, voor-