Boekgegevens
Titel: Kort-begrip der kerkelijke geschiedenis, van de Hemelvaart van Onzen Heer Jezus Christus, tot de wederkomst van paus Pius VII te Rome, in het jaar 1814
Auteur: Lhomond, Charles Francois; Maaseland, Adrianus van
Uitgave: 's Bosch: J.J. Arkesteyn, 1825
2e dr; 1e uitg.: 1822-1823
Opmerking: Vert. van: Histoire abrégée de l'église. - 1787
Dl. 2 o.d.t.: Kort begrip der kerkelijke geschiedenis, van de Hemelvaart van Onzen Heer Jezus Christus, tot de wederkomst van paus Pius VII te Rome, in het jaar 1814
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-665
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200017
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: kerk- en dogmengeschiedenis: algemeen
Trefwoord: Kerk, Geschiedenis (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kort-begrip der kerkelijke geschiedenis, van de Hemelvaart van Onzen Heer Jezus Christus, tot de wederkomst van paus Pius VII te Rome, in het jaar 1814
Vorige scan Volgende scanScanned page
( »49 )
CoNSTANTlNUS , CoNSTANTIUS 611 CoNSTANS, (]ie het fijk ,
onder elkander verdeelden. De eersle onder wiens heer-
schappij de Oaulen waren, herslelde den H. Athanasius
op zijnen Bisschoppelijken sloel. Hij zond hem terug
naar Alexandrië met eenen brief, waarin hg met groo-
ten lof van deszelfs deugd sprak , en zijne verontwaar-
diging tegen deszelfs vijanden sterk uitdrukte. Hij zeide,
dat hij, door den ii. Kerkvoogd aan deszelfs kudde we-
der te geven, niets deed dan het godvruchtige voorne-
men van zijnen vader ten uitvoer brengen, die zelf hera
zoude teruggeroepen hebben, als hg door den dood hierin
niet was belet geworden. Als dan, voegde hg er bg,
Athanasius bij u zal aangekomen zgn; zult gij erken-
nen, hoe zeer wij hem geëerd hebben; en gg moet ec
u niet over verwonderen, omdat wij er toe zijn aange-
zet door de droefheid, die zijne afwezigheid u veroor-
zaakt heeft, en door den eerbied, waarmede wij voor
■ij zijne deugd doordrongen zijn. De H. Patriarch trok door
Syrië, en kwam eindelijk te Alexandrië aan. Hij werd
er met de grootste vreugde ontvangen, de Geestelijkheid
en de Geloovigen liepen in menigte om hem te zien; al
de kerken weergalmden van lofgezangen tot dankzegging.
De vganden van den H. Athanasius werden er vergramd
over, zij klaagden over zijne wederkomst, als over eene
onderneming, welke strgdig was tegen de kerkregels,
en zij zeiden, dat hij niet weder hersteld konde worden
dan door het gezag eener kerkvergadering. Zg vonden
nieuwe lasteringen tegen hem uit, en wendden alle mo-
gelgke middelen tot zijn verderf aan. Zg kwamen zoo
verre, dat zij den keizer Constantius , wien het Oosten
ten deel was gevallen, in hun belang overhaalden. Zij
stelden hem Athanasius voor als eenen onrustigen
en woelzieken geest, die sedert zijne wederkomst op-
roeren had verwekt; zij beschuldigden hem valschelgk,
en zonder eenig bewijs, dat hij het koren had opgehou-
den, hetwelk bestemd was voor de weduwen en vour de
Geestelijken, die op plaatsen woonden, waar geen koren
groeide. Het was den H. Kerkvoogd niet moeijelgk om