Boekgegevens
Titel: Kort-begrip der kerkelijke geschiedenis, van de Hemelvaart van Onzen Heer Jezus Christus, tot de wederkomst van paus Pius VII te Rome, in het jaar 1814
Auteur: Lhomond, Charles Francois; Maaseland, Adrianus van
Uitgave: 's Bosch: J.J. Arkesteyn, 1825
2e dr; 1e uitg.: 1822-1823
Opmerking: Vert. van: Histoire abrégée de l'église. - 1787
Dl. 2 o.d.t.: Kort begrip der kerkelijke geschiedenis, van de Hemelvaart van Onzen Heer Jezus Christus, tot de wederkomst van paus Pius VII te Rome, in het jaar 1814
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-665
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200017
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: kerk- en dogmengeschiedenis: algemeen
Trefwoord: Kerk, Geschiedenis (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kort-begrip der kerkelijke geschiedenis, van de Hemelvaart van Onzen Heer Jezus Christus, tot de wederkomst van paus Pius VII te Rome, in het jaar 1814
Vorige scan Volgende scanScanned page
( 148 ) \
mcl uwe Kérk medelijden hebt, gelgk ik daar niet aan
twijfel, zoo laat niet toe, dat zij een voorwerp van ver-
achting worde." 's Anderdaags kwamen de aanhangers
van Anitis zamen, en zg maakten toebereidselen om, hem
in weerwil van den Bisschop, naai- de kerk te geleiden.
Toen men digt bg de markt kwam, en de kerk reeds
in het oog kreeg, zag iedereen, dat Arius zeer bleekii
werd; hg werd door eene behoefte der natuur gepraamd,
die hem noodzaakte, om zgn gevolg te verlaten, en naar
eene geheime plaats te gaan. Daar hg langen tgd weg-
bleef, ging men er heên, en men vond hem dood op
de aarde liggen, en in zijn bloed zwemmen; zgne in-
gewanden waren uit zijn ligchaam gevloeid. ZgneSek-
tengenooten zelven beefden van schrik bij deze' akeligeS
vertooning. Niemand ging vervolgens meer naar die plaats
men durfde haar niet naderen, en men wees haar metj
den vinger aan als een gedenk teeken der goddelgke wraak.|
Schielgk verspreidde zich hiervan hef gerucht, en 's ander-«
daags deed de H. Kerkvoogd, aan het hoofd van al zgn
volk, aan God plegfige dankzeggingen; niet voor den dood
van Arius , wiens ongelukkig lot hg betreurde, maar
omdat hij zich gewaardigd had, der kefterg te weder-
staan ,, die stoutmoedig voortging den ingang van het Hei
ligdom te overweldigen. De keizer dacht ernstig na overji
deze gebeurtenis: hij erkende er de hand Gods in , en^
hij kreeg eenen grooten afkeer voor deze goddelooze sek-i
te. Hg begreep eindelijk den misslag dien hg begaan»
had, met den H. Athanasius te verbannen, en hg zou-i
de hem terug geroepen hebben, zoo de dood hem niet
had belet, zijn voornemen ten uitvoer te brengen, maar;
lig gaf hiertoe voor zgnen dood nog bevel.
LXI V. HOOFDDEEL.
2'erugroeping en regtvaardiging van den H. ATajUASitja-
Het Jaar 337.
De keizer CoNSTANTiKvs had dde zonen nagelaten,