Boekgegevens
Titel: Kort-begrip der kerkelijke geschiedenis, van de Hemelvaart van Onzen Heer Jezus Christus, tot de wederkomst van paus Pius VII te Rome, in het jaar 1814
Auteur: Lhomond, Charles Francois; Maaseland, Adrianus van
Uitgave: 's Bosch: J.J. Arkesteyn, 1825
2e dr; 1e uitg.: 1822-1823
Opmerking: Vert. van: Histoire abrégée de l'église. - 1787
Dl. 2 o.d.t.: Kort begrip der kerkelijke geschiedenis, van de Hemelvaart van Onzen Heer Jezus Christus, tot de wederkomst van paus Pius VII te Rome, in het jaar 1814
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-665
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200017
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: kerk- en dogmengeschiedenis: algemeen
Trefwoord: Kerk, Geschiedenis (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kort-begrip der kerkelijke geschiedenis, van de Hemelvaart van Onzen Heer Jezus Christus, tot de wederkomst van paus Pius VII te Rome, in het jaar 1814
Vorige scan Volgende scanScanned page
( x3o )
de uren geregeld te bidden; Zgn voorbeeld haalde vele
afgodendienaars tot het Christendom over. De Godsdienst
drong door tot in den Romeinschen senaat, die het sterk-
ste bolwerk van het Heidendom was. Aniciüs, een ver-
maarde raadsheer, was de eerste, die denzelvea omhels-
de, en weldra zag men de aanzienlijksten van Home
zich aan het juk van het Evangelie onderwerpen. Con-
STANTiNus werd er met de levendigste vreugde aver ge-
troffen , en het was hem aangenamer de bekeering van
een eenig mensch, dan de overwinning van een gewest
te vernemen. Zijn gver strekte zich zelfs uit tot buiten
de grenzen van het Romeinsche rijk: hij zond verkon-
digers van het Evangelie aan de barbaarschste volken,
die niet onder zijn gebied stonden, om hen te bereiden,
den waren God en Jisus Christus zijnen Zoon aan te
bidden. Bjj zijne intrede in Rome, wilde hij, dat het
kruis, hetwelk het onderpand zgner overwinning was ge-
weest, het schoonste sieraad zijner zegepraal zoude zijn:
het standbeeld, hetwelk men voor hem oprigtte, ver-
beeldde hem, met dit werktuig van onze verlossing, in
plaats van eene spies, in de hand. Aldus werd het
kruis, hetwelk tot dus verre een voorwerp van versma-
ding , en eene straf voor de slaven .was geweest, een tee-
ken van heil en van luister voor de keizers zelve, die er
hunne kroon mede versierden, en die het tot op het
Kapiiool plantten, om aldus aan het Heelal de zegepraal
van eenen gekruisten God aan te kondigen.
LVI. HOOFDDEEL.
Vinding van het H. Kruis,
Het Jaar 326.
Onder al de bewgzen, welke Constantinus van zijnen
eerbied voor den Christelgken Godsdienst gegeven heeft,
is zijne onderneming om de plaatsen, die Jesus Christus
in zijn sterfelijk leven door zgne zigtbare tegenwoordig-
heid geheiligd heeft, Ie ycrceren, de uitstekendste ge-