Boekgegevens
Titel: Kort-begrip der kerkelijke geschiedenis, van de Hemelvaart van Onzen Heer Jezus Christus, tot de wederkomst van paus Pius VII te Rome, in het jaar 1814
Auteur: Lhomond, Charles Francois; Maaseland, Adrianus van
Uitgave: 's Bosch: J.J. Arkesteyn, 1825
2e dr; 1e uitg.: 1822-1823
Opmerking: Vert. van: Histoire abrégée de l'église. - 1787
Dl. 2 o.d.t.: Kort begrip der kerkelijke geschiedenis, van de Hemelvaart van Onzen Heer Jezus Christus, tot de wederkomst van paus Pius VII te Rome, in het jaar 1814
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-665
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200017
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: kerk- en dogmengeschiedenis: algemeen
Trefwoord: Kerk, Geschiedenis (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kort-begrip der kerkelijke geschiedenis, van de Hemelvaart van Onzen Heer Jezus Christus, tot de wederkomst van paus Pius VII te Rome, in het jaar 1814
Vorige scan Volgende scanScanned page
( 120 ) \
ben degene, die u zal ondersteunen; en ik zal u den moed
en de sterkte geven om uwe vijanden te overuinnen; ik
heb de wereld overwonnen, en ik zal er u ook over doen
cegppralem In de dsad, zoodra het Christendom in de
wereld verscheen, stonden alle maglen tegen hetzelve
op : de zinnen , de hartstogten , al het eigenbelang stre.
den voor de afgoderij; zij was bestemd tot vermaak;
allerlei vermakelijkheden, schouwspelen, maakten er een
deel van den goddelijken eerdienst uit: de feesten van
het heidendom waren nief dan vermakelijkheden, er was
geene omstandigheid van het leven, waarin de eerbaar-
heid minder geëerbiedigd werd, dan bij hunne plegtig»
heden en bij hunne geheimen. De Christelijke Gods-
dienst, die kuisch , 'streng, een vgand der zinnelijkhe-
den is, en zich alleen aan de onzigtbare goederen hecht,
konde aan die bedorvene zielen niet behagen. De Chris-
tenen , die in het geheel geen deel aan de heidensche
feesten namen , moesten wel van dat bedorven volk ge-
haat en vervloekt worden. Bij beze beweegredenen kwam
nog het belang van den staat: de Romeinsche staatkun-
de meende in hare gronden aangevallen fe worden, als
men hare goden verachtte. Home beroemde zich door
hare stichting cene heilige stad te zgn, van haar begin
af geheiligd door goddelijke gunsten, cn door haren stich- ;
ter aan Mahs, den god des oorlogs gewijd; zg meende f
hare overwinningen aan haren godendienst te moeten
danken; zij beeldde zich in, dat zij door hem de volken
aan zich onderworpen had. De goden van het rijk niet
te erkennen was zijne grondslageu omver werpen, was
de overwinningen en de magt van het Romeinsche volk
haten: aldus werden de Christenen, de vijanden der go.
den, tevens als de vijanden van het Gemeenebest be-
schouwd. De keizers namen het meer ter harte, om
hen uit te roeijen , dan om de Parthers, de Sarmaten
en de Daciêrs te verslaan. Ook werden, sedert de re-
gering van Nebo , de Christenen altijd vervolgd zoowel
onder de goede als onder de ondeugende keizers. De
oorsprong van de^e vervolgingen was daa eens een be-