Boekgegevens
Titel: Nieuw zak-woordenboek der Nederduitsche en Engelsche talen = A new pocket-dictionary of the Englisch and Dutch languages
Auteur: Janson, Baldwin; Pijl, Rudolph van der
Uitgave: Dordrecht: Blussé en Van Braam, 1819
Nieuwe dr. ; 1e uitg. 1795
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-444
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200016
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde, Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Engelse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Engels, Woordenboeken (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nieuw zak-woordenboek der Nederduitsche en Engelsche talen = A new pocket-dictionary of the Englisch and Dutch languages
Vorige scan Volgende scanScanned page
S6Ö
7AZ.
ZIJG.
Zelfliefde, ƒ. felf kve,
Z^lïmf^oi^, felf'murder y fuicide,
Zejlftandig, adj, fulflantiaK
ZeliTtandigheid, f. Jul'jlarce.
Z iribijd, 3>i, toward jirife,
Z -'Ifivcrlooclieninfi j ƒ) ftIf'dental.
ZcMnel, /. hra/ii zetnelknooper,
m. one that fiands upon trifles.
Ze me luchtig, zemel gjflö''. branny.
Zendbrief, m. epiflle , letter.
Zendeling, m. miftonary.
Z .nden, V. to fend.
Z nder , m. ferdtr.
Z.'nding, f. fending , nvffion.
Zenebladen , n. pi» fenna-leaves.
Zenpen, v. to finge, fear.
Zenuw, f. finew.
Zenuwacht g, adj. fsnewy.
Zes, adj. fix; zesde, fhe fixth;
ten zesde, fixthly.
Zeshoek, m. hcxagor.
Zeshoekig, adj. hexagonal.
Zesjarig, ff/i/. fexennial; zeskan-
tig ,fix'angled; zesmaal yfix ti-
mes ; zestal, the number of fii;
zesvoudig*, fix fold.
Zest gy fix ty ; zestigfte, fixtieth
Zet^m.fstting downixnet eenen zet,
with one lift, at once..
feat /fee y chair of fiate;
draagzetel, litter.
Zetten v. tofet .put; ivegzetten
to fet, or put away; zijn?nhoed
opzetten , to put on one^s hat;
tijd zetten , to appoint a t me;
zetten,letterzetten, to cotnpofe.
belter, in. compofitor.
Zeug . zeg • row.
Zeven, adj. fcytn; zevei>jarig,
adj. fiptennial^ zevental, n.
f ptenf. ry; zeventall g, adj. fep
tenarious.
Zi' h pron. as\ zich zelf, one^s felf
Z^iv'dcn, V. to Jeeih, boil.
Zi-ding, f. toiling, feething.
Ziek. rd}. fick; ziek worden,
to fall fick.
Ziekachtig, adj, ftckly.
Zieke, sn. f:ck bod..
Zie!:el jkheid, /. infirmity. , . , ,
Z.ekcnhui«, gasthuis,^. Zijgen j doorzijgen , y. to firaist
Ziekte,/, fickr.efs, iVn'ls , dis*
ten.per; vallende zieüte, epi*
lepfy.
Ziel, /. foul.
Z elloos, onbezield, adj. inani'
mated.
Zielroerend, adj. path'tical.
Zieltogen, v. to be a dying , to
gafp at the point of death.
Zieltogend, adj. dying, gafpir.g
at the point of death.
Zielverkooper , m. kidnapper,
tiepanner.
Zien, r. to fee, tolook; iemacd
in de oogen z en, to fiand in
awe of one, to keep fair wiih
one; zie daar, look there; zie
heren z:e daar, look here and
I wk there.
Zienlijk, adj. well-looking.
Z\tx, f. whit, tittle; niet een zier ,
not a v/ait; hj kan niet een
zier zien , he can not fee a whit $
hij IS er niet een zier te beter
om he is not a whit the better for
ii; ik geef er niet een z er om,
ƒ do not care a pin for it.
Ziertje , n. mite.
Ziften, y. to fift.
Zifter, m. fifter.
Zifiing , f. fifting.
Zigt, n, fight; op zigt, at
Zigibaar, adj. vifible.
Zigtbaarheid, f. yifibilily.
Zigteinder, m. horifon.
Zigtkunde,/. opiicks.
7A),pron. fiie; zijlieden, they.
Zijde. /. the fide \ pi n in de z j*
de hebben, to haye pain in
ont-'s fide ; ter zijde, afide; zij •
de, bladzijde, /. vap,e., or kaf
ofabook; zijde,zijde«
reeder, m. throfler; zijdewe-
ver, m. Jilkweayer; zijdcwln*
kelier, ni. niereer; zjjdever-
wer, m. filk dver ; zijdewee,
m. pUurify; zijdgeweer, «.
fwcrd^aimswoim on tn,''s fide,
fide atn.s.
Zijdelings, a'iy. fi^e ways»