Boekgegevens
Titel: Nieuw zak-woordenboek der Nederduitsche en Engelsche talen = A new pocket-dictionary of the Englisch and Dutch languages
Auteur: Janson, Baldwin; Pijl, Rudolph van der
Uitgave: Dordrecht: Blussé en Van Braam, 1819
Nieuwe dr. ; 1e uitg. 1795
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-444
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200016
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde, Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Engelse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Engels, Woordenboeken (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nieuw zak-woordenboek der Nederduitsche en Engelsche talen = A new pocket-dictionary of the Englisch and Dutch languages
Vorige scan Volgende scanScanned page
s C H.
sen.
ao3
chefs-heard; fchaakmat, ady.
chtck matt; fchaakrpcI,j7.cA^/i ,
the gauit at chejs; fvbaakduk-
ken, ri. chefs
Schaal, wcegfcnaal, pair Oj
fcaUs, fchial, drinkfchaal,
/. I'owl to drink out; fchaai
van CCD ti, egg-Jheil; fchaai
visch, m fijh with a hora
fl:eU , aslol'ßers , crabs and the
like tsftadcus creatures,
Schaamachtig, aaU bafhfal^ßame^
fated^
Schaamrood, adj, blufking,
Sc\\t^m\.e,f.f}iaineiQiam6'f^cednefs,
Schaamteloos, adj, impudent ,
fnamelefs.
Schaamteloosheid, f impudeney ,
ßamelefsnefs.
Schaap, n, pieep; eene kudde
fchapen, a flock of (heep;
fchapenkeuiels, m.fieep^s dung;
fchapenleêr, n,ßetps leather-,
fchapenwoJ , f, jheeps-woo!;
fchapenboMt, m, joint of mut
ton; fchapenvleesch, n, mut
<(>« ;fchaapherder, I». pnpherd:
fchaapherdcrin, f, Jhipherdefs;
fchaapskooi , /• p.ecp.fold i
fchapen vacht, A (hups feta'.
Schaar, f, a poir of Cneers, a pax
offcijfars; fchaar in een ices
notch in a knife,
Schaar , menigte, f, troop.
Schaars , ady, fcarGet ur.frequent.
uhiontmon fcarcely*
Schaarschheid J, fear eenefs, fear*
City
Schaarfen, f, ßates ; Tchaatfcn-
rijden, v, to fhate.
Schabel, f, joiut ftool
Sclia'jrak, ƒ. horfe-cloth,
Schacht, f. quih
Schade,/, cavage, hfs, hurt,
detriment; fchade lijden, t--
fuff r 2 Ufs,
Schadeloos, adj, as: iemand fcha-
delo'os ffellen, to indemnify,
indemnize o'.e,
Schadcii.k , adj, hurtful.
Schadelijkheid,/, hurtfuhefs.
Schaden, to prejudice.
Schaduw, /. ßsadow, ßade; de
fcha^uw van cenen boom,
fliade of a tree; fckaduwachtig,
adj ßady; fchaJuwachdgneiîi
/. jhadinejs,
Scbadawen, v. to pudonf,
Scl;afîen , opdisfchcn. y. to dîpi
Lp ! yicfuats ; fcliaffen , cten,
to eai; hi] kan lustig fcb'<itfcn,
h? (en eit h.:arv\.y.
Sch'lfvn, vcrfchafien, to procu-
re; gelJ fchalîeri, to p.ocute
money ; hij zal raai fthafïen,
he will find out rKcans ; ik heb
met haar niets te fchaHen , /
h'ive noihfKg' to do with ha ,
1 vont mcdJle wUh her,
Schaftijd, m, e&iing tim^
Schagcheraar, m, overreaching
feiiow i cheatifig fellow,
>ch3gchereD, y, to oyerreach , or
to chiet.
Schakel, m, link of a chsin ;
de Ichakcis van cen nn, the
mcptii of a nit.
ù-hatvclen, r. to l.nk; aïm.cn
fchakclen, to link togethtr.
schikeling, /, ii-iking: aaueen-
fjhakcling, itnking to^eiher.
Schaken, y, to play a' chffsi
fchaken , oQ fctaakcn,mci gt»
weid ontvoeren cn verkrach-
en, y.to taripi, to commit a rupd
Paris fchaakte Helena, Puris
ravißiäd lUUrM.
iSchaker, rayißsr.
Schakeren ,y,ti} yarigate ,to digeß
yari'mt colours in e kandjon.e
i),anner,
Schakin, , f rayipiing, -
Hchalfcbijt^r, m, beetle.
Schalie, /, ßate; fcbaliedak,
. ted^ roof, .
Rcha'k, m, craUyfelhw,
Rcha m-.'i, f, lagDipe,
Schamel, arm, adj, poort eenc
fchamele vrouw, apoorwutaan.
Schamelheid, f. fc:iaim!id, n,
the ptiyy parts.
Schamen, y, to be apiamed} fcb^am
I 6