Boekgegevens
Titel: Nieuw zak-woordenboek der Nederduitsche en Engelsche talen = A new pocket-dictionary of the Englisch and Dutch languages
Auteur: Janson, Baldwin; Pijl, Rudolph van der
Uitgave: Dordrecht: Blussé en Van Braam, 1819
Nieuwe dr. ; 1e uitg. 1795
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-444
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200016
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde, Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Engelse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Engels, Woordenboeken (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nieuw zak-woordenboek der Nederduitsche en Engelsche talen = A new pocket-dictionary of the Englisch and Dutch languages
Vorige scan Volgende scanScanned page
iJ
roe.
rog.

wijf geringeloord, he is hen \ romer, m, wine-giafs.
pecked by his wife, Rocnigicrig , rocmzuchng , a^J»
"RinVel, nu gineling plate; rin- cuyesous of praife»
Roemruchtig, adj, glorions.
Roemwaardig, adj, praijewonhy»
Roemzuchtig, zie roemsi r g.
keltuig, ». gtngling toys
Rinkelen, v. to gingte,
Rinkeirooijen, r. to revel»
Rinkinken, y, to make a clatter-
ing noife,
Rinsch, adj, fourifh, rheni/h»
Rinschheid, ƒ. fourijh tajle»
Riool, n. fink»
Rispen, y. to btlch.
Risping, f, belching,
Rs'; f, bunchy rep, chain;
eene rist uijen, a bunch of
onions.
Ritmeester, m, captain of hor jf,
Rufclen , v. ruflle.
R itOg, a Ij, hot!purred , cockipi,
lecherous^xiihi ^iju, to oeUj-
ciyious,
RitGgheid, f. lechery,
Kivier, f, riyer ; riviervisch , n,
frejh'yfater ji[h/ rivierwater,
n, riyer-water»
Rob, zeehond,»? /<r<3/; rob,maag,
van groote visfchen , maw
of great jijhes i robbevel, r.
jeal jkin,
Robbclig, adj. knotty, rugged.
Robijn, m, ruby \ met robijnen
verfierd, adorned with rubies.
Roep, m, call, cry, ci&muur.
Roepen, v. to call.
Roeper, m, ctyer»
Roeping , j, Galling; roeping,
fehl eeawing, /. crying, yocijera-
tion.
Roer , n, rudder, helm; hij zit
aan het roer, hij is in de r^-ge-
rng, he is at the hein; roer,
vuurroer, rt, juftl, , iim ,
jlrc.lQcK-., een roer affcbieuJi,
to jlre a g^n.
ilocruaar, zie roerende,
Rotrdoiap, m, buz:^arä»
Roeren, v, to ßir, myye.
Roerende, loerbaar , cdj, moye»
uble; roerende en onroerjuJe
goederen, moyeables and hoU'
fes or land5,
Roerloos, onbewegelijk, adj,
immuveable»
Roervink, m, ring-leader.
Roes, m. as, hij heeft een* ro^s
weg, he is fuddled.
Roestachtig, adj, rußy»
Roesten , y. to ruß, to grow rußy,
roest vergaren, to gather ruß;
Roede, f. rod, perch; hengel
roede, angling-rod; meetroe i to grow rujly,
de, meafuring red Roestig, adj, rujly
Roef, f, cabin of a (hip,or boat. Roestigheid , f, ruflinefs.
Roeibank , ƒ. row-bench.
Roe jen , y to row,
Rjeijer, m, rower; wijnroci
Roet, n. talluw; roet, n, foot^
Roffei, grove fchaaf, tig, or
rough piane.
jer, gauger, or meajurer 0/R'>Öclaar, broddelaar, m, bun*
wins cajks.
ster, botcher.
Roeifchip , n, galley; roeifchuit, Roffelen, y, to plane roughly.
f, row barge
Roekeloos , adj» lijk, ady, raß ,
fool, hardy*
Roekeloosheid, f raß>nejs.
Roem, m. glory, ^raije, re-
nown, report,
Roemeo, v, to glory, yaunt, boaß,
to praije.
Roemer, m, booßeri roemer.
Roffiian, m, pander, rt.Jftan,
pimp,
Rog, m, thorn'back,
Rogchelen, y, to keck, hawk, to
bring up fleams,
Roxhelaar , m, one that kecks aim
m ii continually, rogchelpot,
m fpitting pot, alfo un via ah, km
inj or fpitting fdiuw,
I4



___