Boekgegevens
Titel: Nieuw zak-woordenboek der Nederduitsche en Engelsche talen = A new pocket-dictionary of the Englisch and Dutch languages
Auteur: Janson, Baldwin; Pijl, Rudolph van der
Uitgave: Dordrecht: Blussé en Van Braam, 1819
Nieuwe dr. ; 1e uitg. 1795
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-444
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200016
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde, Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Engelse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Engels, Woordenboeken (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nieuw zak-woordenboek der Nederduitsche en Engelsche talen = A new pocket-dictionary of the Englisch and Dutch languages
Vorige scan Volgende scanScanned page
BIL;
hidf mote, 200 iemand meer
biedt; to hi i one farewell, iemand
vaarwel zeggen, affcheid ne-
men; to Hi defiance, uitda
gen; to bid to fupper, ter
avondmaal noodigen; ~ to hi.
up, hooger bieden.
Bidding, bevel, n, noodiging, /.
Biennial, tweejarig, adj^
Bier, doodbaar, ƒ.
£ig»groot, kloek, dik, grof ^ op
geblazen , adj*; as big again.
nog eens zoo groot; higin balk
groot van ftuk , groot van om
trek; big in au./tority, groot
van magt; big with child, zwan-
ger; big wiih pride ^ opgebla
zen; he talks big ^ hij geeft
hoog op; he looks big on him.
hij ziet hem verwaand, of
ftüursch aan; / am nut feared
with your big wojds, ik ge^^f
niet om uwe oiigcbiazene
woorden; to grow big, opzwel
leo, groot worden, uitzetten,
dik worden.
Big bodied, zwaarlijvig.
Big'uapped , zwaar genopt
zwaar met wol (als een
hoed.)
Bigamy, tweewüverij, ƒ.
Bfgamifi, een die twee vrouwen
heeft, s
litggin, bagijn , ƒ.
Bignefs, grootte, dikte,
/^f^ö^, bijgeloovig mensch, fclnjn-
heilige, domme drijver, pi
laarbijter, kerk-uil, m*
Bigottry, brgotifm, bijgeloovig
heid, ahi;nheiligheid-, ƒ.
Bilan- er, fmak, bijland<jr (zeker
vaartuig), w.
BHbcrrici, hlaauwe besfen , f.
Bilboes, bootsvolk's ftraf, ƒ.
Bile, buil, zweer, /.gezwd,
Bilgc, fchips bodem, w.
To bilf^e , kraken , y.4 the fhip is
bilged, 't fchip kraakt.
To hük-, bedriegen, v. a.
Bill, bek, faavel; m, neb, f,
BUI, hellebaard, bijl, m.
BIR.
mh cedel,/ gefchrift, handfchrifr^
opflel ,n,; a tayior^s bill, eene
fnijders rekening; a hill of debt,
fchuldbekentenis , obligatie,
a bill of exchange . wisfelbrief;
a bill of divorce, fcheidbriefj
bills of/ale . beleenings brieven;
the weekly hill of mortality, de
weekeüjkfche lijst der dooden y
a bill of lading, vragtbrief, w.
cognosfement, «.
4 bill of fiore, vrijbrief.
ßill man, fooeijer , boomfnoei*
jer, m.
To bill äs doves trekkebekken ,
als de duiven.
Billet, ïlo^, blok, foldaten ce-
del,
To hïllet foldiers, foldaten her-
bergen i inkwartieren, y.
Billiards, troktafel, ƒ.; to play at
billiards, op eene trokiafel fpe»
len ; a billiard ball, een trok-
tafel bal.
Billow, baar, golf, ƒ.
Tobind, binden, knoopen, ver-
binden ,v ito bind about, om-
bindeiï; to bind with benefits %
verbmden, o/verpligteo door
weldaden; to bind one by cove*
nant, iemand döor een verdrag
verbinden ; to bind books, boe-
ken binden ; to bind with an ear^
«tf/?,verpanden;«o bind one*s felf^
zich verbinden; to bind one^sfelf
to appear, borg ftelJen voor
zijne verfchijning; to bind up a
wound, eene wond verbinden;
to .bind one apprentice, iemand
op een ambacht, of bij eenea
koopman befteden.
H'n.itr, binder, verbinder,
ßook'binder, boekbinder, m
Binding, binding, verbinding,ƒ.
Bindweed, winde./,(zekerkruid.)
Binn, broodbak, ha verbak,
trog, m.
Biozraphy, levensbelchrijving,
Bfrch tree, berken boom, m.
Birch, berkeiHrijs, n.
Birchen, berken, aèf^