Boekgegevens
Titel: Nieuw zak-woordenboek der Nederduitsche en Engelsche talen = A new pocket-dictionary of the Englisch and Dutch languages
Auteur: Janson, Baldwin; Pijl, Rudolph van der
Uitgave: Dordrecht: Blussé en Van Braam, 1819
Nieuwe dr. ; 1e uitg. 1795
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-444
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200016
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde, Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Engelse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Engels, Woordenboeken (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nieuw zak-woordenboek der Nederduitsche en Engelsche talen = A new pocket-dictionary of the Englisch and Dutch languages
Vorige scan Volgende scanScanned page
LAS.
lat.
12$
Lamaamopneker, m, lamplighter.
Laoierfant, w. Öuggard; lazy-
bones.
Lanterfanten, v. to be idle, to
fit ftill.
Langzaam, adf. Hik, adv./low ,Un
geüng, ïör^v; hij is langzaam in
zijn werk, he is fhw in his
work ; langzame dood, iingeiing
deaih; van langzamer hand,
gradunhy, hy degrees,
Langzainihe.d, f. fl wnefs.
Lap,/, patch, remnant >.>f jluf;
e n lap op eenen rok zetten ,tv
feta puich uvon a coat; lapje
vai) hit oor, lap of the ear;
larpen en leuren, rogs ar.a
tri/les; lap iverk, n. patch work;
lapzalver, m, mouhiebank,
Lan^,en , v. to patch , mend,
Lappenmnrkt, f rag-market.
Lipper, m, patcher; fchoen
lapper, cebler,
L ren, y, to lard; lardeer-
priem, m. lardlng-pin,
Lippcrij,/, patching.
Lipwerk n, patchwotk*
L-xpzalver, m quick- octor,
Lapzalver j, f, qu,cking,
L »sch f, dtp vf cto h , or fluff,
L"ïsfchen , ta fe*M together, to
fa fie n clofe together, to join.
Last,/». & n, loid, ia(l ^bw then ,
allocuaree. co "im(ft o. iet;
den last innemen, to take in
his load; den last losfen, to
unload, den last hreken, to
unload pa^t of one's loaJng;
het end zai den last dragen.
a piip of 200 tun burthen ; de
la t berusiopuiij . the buith:n
or charge refls oh me ; hij ver-
zuimt zijnen last, he negU£ti his
charge; z jren last volvoeren,
to perform his charge ; lastheb«
ben, to have chufg , ta have
order, or commthou; ik heb
geenen last daartoe, / have no
commifpvn for it; lastbiicf, m.
commtsfton ; lasifcbip, n. f 'pof
burthen; la-.tnier, n. beafi of
bur the*!; Jasrdragend, adj, as:
l^ïstdragcndf diïien , beajls of
burthen, lajtr.ragcr, m, p' r-
ter , carrier of .burthens; last-
g-ild, tun age,
Lasten bevelen, y. to charge ,
to order, cornmlffion; h j werd
gelast om het te doen , he was
ordered to do it*
Laster, calumny; laster-
dicht, n,lampoon; lastermond,
m,flandcring mouth; lasterpen,
f, virale-t pen; lastertaal, f,
foul la guage ; lastenoDg , m,
par. der er',
Lusteraar, m, fcnJerer; Gods-
la. tc raar , blafphemer.
Lasteren, y. to Pander, reproach ,
defame, blafphemy»
Lastering , /. fl>ir>der , flarderirg;
Godslaiter ng, bla'phemy,
Las erlijk reproachful
pu'iderous.
Lastig, adj. burthenfome, trouble^
fonte, difficult ; iemand lastig
vallen. to be tronblefome to one ,
to importune one, ■
the er,a muH beur tht ^«r^it'n ; L^st gheid, f, troublefomenefs.
Uit lijden, to fufferto be i« Lat, ƒ. lath; latwerk, n, latk*
danger; zijne oingen -zullen w- rk.
er genen last door lijden , hi-
affairs wil^ r.ot fuffer by H ; ecn
last tarwe. a laß of v^heat .
containihg l8o fchtpels, ot
hufhcls i hoe veel geldt de tar-
we het la«it? what does a lafl cf
Viheat coß? cen last haring,
a lafl of herrings, btthg 14 bar-
rels; een fchip van 100 last,
L'Jtifn, toelaten"; v. to lef., fer„
mit,fupir; liren gain, to let
go, to let pafs; iaat hern niet'
los, do rot Ut Hm loofe; Irj-
ten weten, to let know, to
acquaint, to ftgnify; to fend
word; een gebod laten tit«^'
gaan, to iffue out a proela?Mi»'
tion; zich laten zien, to pcysf^
F 5