Boekgegevens
Titel: Nieuw zak-woordenboek der Nederduitsche en Engelsche talen = A new pocket-dictionary of the Englisch and Dutch languages
Auteur: Janson, Baldwin; Pijl, Rudolph van der
Uitgave: Dordrecht: Blussé en Van Braam, 1819
Nieuwe dr. ; 1e uitg. 1795
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-444
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200016
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde, Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Engelse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Engels, Woordenboeken (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nieuw zak-woordenboek der Nederduitsche en Engelsche talen = A new pocket-dictionary of the Englisch and Dutch languages
Vorige scan Volgende scanScanned page
KOM,
Kofïïj, f, cofee, koflijhuls, v.
cofee-kouje^ koffijkan , ƒ.
pot.
Kogel, m, bullet.
Kok, 1», cook.
Koken , v. to hoil^ feeth ; vUch
koken, to boHfifJi^ overkoken,
tn bnil, to feeth (jyer \ len halve
koken, to parboil.
Kokerij, ƒ. cookery.
Koker, m, cafe \ inktkoker,
ipi f mesftnkoker , pieath for o
knifepijlkoker, ^«/w ; zand
koker, fand-box.
Kok erin u len, y, to fneer.
Kol, ƒ. witch.
Kol, een piek aan 't voorhoofd
van een paard, ƒ ftar ^orwhitt
fpnt in a horfe^s forehead.
Kolder, flceysleis coat of bug
It ather.
Kolf, f. club to Prike little bowls
or bal's with; de kolf van een
. fnaphaan, the but-endof amuf
ket.
Kolk, m, pit, gulf, lake', draai
kolk, whirl^püol.
Kolom, f. pillar.
Kolonel, m. colonel.
Kolven, y. to firike with a mall'
fïick.
Kolijk, n, gripes.
Kom , f, baf on ; alfo a dock ,
or enclofed place where fliips
wny lay faf^^y.
Komènij, cbandlei''s fliop \ ko
menijhouder, m chandler,
Komf.-or , n, chafing diflu
Komkommer,/, cucumber.
Kombuis, /, cook's room in a (hip.
Komen, y, to come \ inkenn sko
men, to get acquaintance', in
de kraim komen; to lie in,
women in child bed, te pas ko
men, diend g zijn, to be ofuf
dac zal wet eens weer te pas
Vvmtn , there will once come an
occafion to requite that.
Kommer, m, trouble » difficulty,
foirow.
Kommerloosheid, /. unconcerned
koo
117
nefs,
Koramerliik, adj. troublefome ,
hard', wj beJeven kommer,
lijke tijden, we live to fee yery
. hard times,
Kompagnie , f. foldaten , compa*
ny of foot,
Kompanje,'t verdek boven de hut
van een fchip, the quaiter-deck
on board of a fhip,
Kompanjemeester, m. an oßce*
that looks to the magazines.
Kompa-, n, mariner's compafs.
Kompost, mengelmoes, n, mifk'
muß.
Komst, n, coming , arrival^ op
zijne komst, at his arrival.
Komijn , f, cumin.
Kondfchap, /. notice, knowledge,
inforfiation,
Kondrchappen, y, to if-form.
Kondfchappcr, m, mtßenger.
Kon 6 tu urm aker, m, conjcäioner*
Konöturen, f, preferves.
Konfijt, n, comfect.
Konfijceo, v.topreferxesas fruits*
Konijn,», rabbity kocijnenbol^
n. rabbit burrow.
Koning, m, kirg.
Koningrijk, n. kingdom.
Koningin , f, queen
Koningfchap, «. royalty.
Koningsgezinde, m, royiltjf.
Koninklijk, adj. & ady, kingly^
r<yal\ z jne koninklijke majei.
teit, his royal mcjepy.
Koningsmoord, w. regicide.
Konkel , f. pag; a floyen, flut.
Konkelen, y. to puzzle, to embroiU
Können , kunnen, y. to be able ,
to have power,
Konftapel, m, canoneer, gunner*
Konftig, aaj, lijk, ady. anifictal^
ingenious,
Konvoo;, n. convoy,
KoO!, f, feaman's cabbin ; te kool
gaan, to go to bed, to go to
hammock, (a fe am art's phrafe')i
ßeepsfold, vogel*
kooi, f, cage.
Kooijen, y. to He together'y 2ij