Boekgegevens
Titel: Nieuw zak-woordenboek der Nederduitsche en Engelsche talen = A new pocket-dictionary of the Englisch and Dutch languages
Auteur: Janson, Baldwin; Pijl, Rudolph van der
Uitgave: Dordrecht: Blussé en Van Braam, 1819
Nieuwe dr. ; 1e uitg. 1795
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-444
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200016
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde, Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Engelse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Engels, Woordenboeken (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nieuw zak-woordenboek der Nederduitsche en Engelsche talen = A new pocket-dictionary of the Englisch and Dutch languages
Vorige scan Volgende scanScanned page
56
dam.
dee.
D»gen, dag worden, v» to dawn;
opdagen , to c me forth, to /ap-
pear; bet daagt, het begint te
dagen , the day dawns.
Dagen, indagen, v. to fummon ;
arrargn.
Daging, ƒ fummontn^, arraign-
ment.
Dageraad, m, day^fpring, day-
break,
Dagl cht, n.day-lipht; dagloon,
m. daily wages; daglooner, m.
labourer, aagreize, f* day^s
journey,
Bagteeitenen, y. date, dagteeke
ning,/. date, dating.
Dagvaarden, y. to cite,jummon,
appoint.
Dagvaarding, / citation,
Djg vaart,/ convention oj the Jlates,
diet; ter dagvaart befchreven
worden, to be fummoned by a
writ to take fefion on the pu
blick afembly.
Dagverhaal, n. journal.
Dagwacht, ƒ. day-waich.
Dagwerk, n, daily^work, continual
work.
Dagwerker, m, dayly labourer
jüak, n, roof of a houfe ; een
buis in rak en dak houden, to
heep a houfe in repair; lei-dak ,
a flated-roof , dakpan , ƒ. pan
tile, roof'tile; dakvenfter, n.
fky'light, roof'window,
Dal, n, v.alliy.
Dalen, y. to defcend, go down,
decline; in prijs dalen, to fali
in price, to grow cheaper; de
prijs daalt, the price falls.
Daling,/, defcending, toytejing.
Dam, m. dam, bank.
Damast, n, damajk,
efs-'
Dambord, n.chefs-board,draught
hoard.
Dammen, y. to play at draughts-
Dammen, toe dammen, y, to
dav}, to make a dam.
Dair.p , vt. damp , vapour; fleam ,
fume.
Dampen, y. to damp.
Dampig, adj, dampiß,
Dan, adv. als dan, then; wat
dan ? what then ? dan , als,
than; ik ben langer dan hij,
I am taller than he ; niemand
dan hij, nobody but he; dan al-
leen, only, except.
Dank, m« thanks; dank behalen,
to get thanks ; in dank nemen ,
to take kindly; tegen dank,
in fpite cf; dank weten, to be
btholäen., to afcribe thanks, to
impute thanks.
Dankbaar,thankfuU
Dankbaarheid, / thankfulnejs.
Danken, dank zeggen, y. to giye
thanks.
Dankzegging, /. thankgiving,
Dans, m, dance,
Danfer, m, dancer; koorddan-
fer, rope-dancer.
Dansmeester, m dancing-mafler,
Dansfchoenen, m. pumps.
Dansfchool, /. dancing- jchool.
Dapper, adj. vaiiaut, ßraw^us,.
Dapperheid, /. valour, courage
boldmff,
Dapperlijk, ady, yaVuntly*
Darm, m. gurt.
Darmjicht, darmpijn , A colick.
Dartel, ad\, wanton, lafciyious ,
petulant.
Dartelheid, /. wantonnefs, petu*
lance.
Das, m, (zeker dier) badger^
Das, f, neck-cloth, cravat.
Dat, pron. that.
Dauw, m. dew.
Oauwelen, y. to dolly.
Daauwworm, m, ring'worm.
Oaauwen, y. io dew.
Daveren, y. to redound, to ßak^i.
Daveren, y, to ßake, or tremble
with a noife,
Davering, /. ßaking, tremblirg.
De , art. the; degene, thofe.
I)ecg, ter deeg, adv. 7ight,wsll,at
ßould be; iets ter deeg doen ,
10 do a thing as it ought to be
done.
Deeg, van meel,«, dough*.