Boekgegevens
Titel: Nieuw zak-woordenboek der Nederduitsche en Engelsche talen = A new pocket-dictionary of the Englisch and Dutch languages
Auteur: Janson, Baldwin; Pijl, Rudolph van der
Uitgave: Dordrecht: Blussé en Van Braam, 1819
Nieuwe dr. ; 1e uitg. 1795
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-444
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200016
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde, Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Engelse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Engels, Woordenboeken (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nieuw zak-woordenboek der Nederduitsche en Engelsche talen = A new pocket-dictionary of the Englisch and Dutch languages
Vorige scan Volgende scanScanned page
mm

BAG.
Äe van de hand; to pull hack ,
terugtrekken; to keep back, te
mghouden ; to fend hack, te
wgzenden; to caß back, te-
Tugwe;pen, verftooter; to go
hack, teruggaan , achteruit
gaan; to give back, terugge-
ven, wedergeven; to reuirn ,
«r come hack, wederkeeren;
hack aqasn, wederom; to look
ladt, teru;?zien; hack to back.
rug aan rug, ruggelings: the
iack parts, de achterfte deelen,
bet achterfte; the back hone,
yugbeen, de ruggegraat; on hor^
feback.it paard zitten, 0/rijden;
BAL
eene ham; rußry bacon» garnPg
fpek,
ßaä, kwaad , fnood, ondeugend ;
he takes bad cour fes, hij gaat
kwade gangen.
Badge, merk , eerteeken ,
Badger, zoetelaar, m.
Badger, daä, (zeker beest), m*
Badinage , boerterij, ƒ.
Badly, kwaad, ondeugend, ady,
Badnefs, ondeugendheid, kwaad*
heid , ƒ.
Tohafße, berchaamd maken, over-
blutten, den fpot drijven,
overfnorken, y.
Baßler, fpot vogel, overbluffer.
a JoddU back, een hoile nig,! overfnorker, m.
;zadel-riig; the back-parts, or ^ , ovetbluffing, overfnor
hack fide, het achierfte deel; king, f.
the back-fide of a leaf, de ave
regtfe zijde van een blad; he
dwelleth on the hack-fide, hij
bewoont het achterfte van het
huis; back' blow y een ave
xegtfche flag; back-yard, eene
achterplaats; back-room, eene
achierkamer; back-fword, een
llagzwa^rd; bach^door^ eene
achterdeur; hack-fiairs, ach
tertrap; to back a horfe^ een
paard berijden.
To back, fteunen, onderfteu
nen , v*
To backbite, achterklappen , be-
lasteren , r.
Backbiter, achterklapper, m.
Backbiting, achterklap, ĥ
To backflide, terugwijken, aar-
zelen , V.
Backflider, afvallige , afwijk er
m.
Backjliding, terugwijking, afval
aarzeling, /.
Backward, achterlijk , traag,
fchoorvoetende, achterwaarts,
achteruit, adv,; togo backward
achteruitgaan.
•Backwardnefs, traagheid. /.
Èacon, fpek, gerookt fpek ; 0
Bag , zak, mr, money bag, geld-
zak , beurs; bags of wool, wol-
zakken; cloak'bag, mantelzak.
Bag-pipe, zak-pijp, ƒ.
Bag piper, doedelzak-fpeler, m»
Bag pudding^ ketelkoek , m.
Baggage pakkaadjCj/. reis-tuig,« ;
10 march away hag and baggage ,
met pak en zak wegcrekkeo*
Bagnio , bad, n.
Bat, inham, m baai, ƒ.
Hal tree, laurier-boom , m*
Bail, borg,«. borgtogt,/i; togive
bail, borg ftellen ; to become hai
for one, voor iemand borg
blijven; to be releafedupon bail»
op borgtogt ontflagen worden.
To bail, borg ftellen, v.
Bailable, die op horgtogt los ge«
laten kan worden-
Baili^. baljuw, rentmeester, ;
the office of a haitif, baljuw,
fchap, rentmeesterfchap, «.
Biilff, geregtsdicnaar in Eoge«
land,
Builitg, borgftelling, /.
Bailiwick, baljuwfchap.
Bnit «as, iokaas^ n.
To bait, aas leggen, lokken,
lokazen, v.
pitch of bacon, eene fnede To bait a bull, er i^ear , een' bxA^
fpekj a gammon of bacon i o/beer laten vechten.