Boekgegevens
Titel: Nieuw zak-woordenboek der Nederduitsche en Engelsche talen = A new pocket-dictionary of the Englisch and Dutch languages
Auteur: Janson, Baldwin; Pijl, Rudolph van der
Uitgave: Dordrecht: Blussé en Van Braam, 1819
Nieuwe dr. ; 1e uitg. 1795
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-444
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200016
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde, Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Engelse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Engels, Woordenboeken (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nieuw zak-woordenboek der Nederduitsche en Engelsche talen = A new pocket-dictionary of the Englisch and Dutch languages
Vorige scan Volgende scanScanned page
31»
TRU.
TUM.
loopen, r.
Trollop , flons, f,
Troo^,bende./;hoop, trcep,w.
To troop, in hoopen gaaa, y.
Trooper, ruiter, m.
Trope , woordwisffling, ƒ.
Trophy, zegeteeken, n,
Tropicks, zonnekeerkringen, /.
Trot, draf, m.
To trot, draren, v.
Troth, trouw, ƒ.; by my troth,
bij mijne trouw,
Trothlefs, trouweloos, verrader
lijk, adj.
Trotter, draver, m.
Trouble, ontroerdheid, njoeite , f.
arbeid, m,
To trouble, kwellen, ontrusten,
plagen, y,
Trouhler, kweller, ontruster,pla-
ger, m,
TroubUJome, moeijeü k, adf,
Troublefomnefs, kwelling,/:
Trough, trog, m.
To trouuce,afrosfen, bedriegen, y
T^out, voorn, f>
To trow , denken, verbeelc^en , y.
Trowel, troffel, m, truweel,
Trowfers, rijbroek, pikbroek
Truant, lanterfant,ledigganger.w
To/futf«*. luilappen ,lediggaan, v.
Truce, ftüfland vao wapenen, m.
Truce-bfeakcr ^ bcftandbreker,
Trucidationi doodflag, m.
Truck, ruilebuiting, f,
To truck, ruilebuiten, v.
Truckle, fchijf van eer.cn katrol,
m,', truckle-bed, ro'beddeije.
Truculent, wreed, adj,
To trudge, wroeten .zwoegen ,r.
Tr«^, waar , trouw, waarsch ig,
adj,
Truehearted, perron'v, ad^
Truenefs, opregtheid, getrouw«
heid,/.
Trull, fnol, ftraathocr,
Truly , waar' ik, adv.
Trump, blaashoorn, w.trompet
Trumpery , vodden , ƒ.
Trumpet, trompet, n,
To trumpet, trompetten, y.
Trumpeter, trompetter m,
r^ iruficate, afknotten, y.
Truncation, afknotting, verlam-
m-ng, /.
Ttutcheon, knuppel, m,
fo trundle, voortrollen, y,
Ttunk, (lam van een' boom,f". kof.
fer, trunk'maker, koffer*
maker, ni^
Tfufwn, het ftooien.
Trufs , bondel, m.
To trufs w^,opbinden,oppaV]cen,y.
Truft, vertrouwen, n,
To truß , betrouwen , v.
Tiuflee, femagtigde , m,
Trußeeßiip, voogdijfchap,
Tiußinefs, getrouwheid , ƒ.
Trußy , getrouw, adj. lijk , adv.
Truth y waarhe'd, f,
To rry^oeproeven,onderwinden,V.
Tab, tobbe, f.
Tube, buis, pijp, f.
Cuberofe , witte tijloos,/.
,knobbelig , bultig, adj»
Tuberofity , bnltigheid , ƒ.
Tuck, een degen in een* wan lel-
ftok, m,
To tuck up, opfchorten, v.
Tuel, aarsgat van een beest,
Tuefday , dingsdag, tn.
Tuft or tuf et, kuif, ƒ. top, m.
Tufted, geku fd , adj,
Tufty or tuffy, vlokkig, luigjö^/;.
Tue, ruk, hort, w.
lo'Tug, rukken, horten, fterk
trekken , v.
"^"gger, rukker , f,
befcherming, leering,/,
opzigt, voogd jfcliap, n.
Tulip, tulp,/.
To tumble, tuimeleir, v.
Tumbler, tuiiaclaar, m,
Tnmblet, mistkar, f;
Tumejadlion, zwelling, f,
To tumefj, opzwellen, y.
Tumid , gezwollen , edj,
Tumttir, gezwel, n,
To iumulate, bultig worden , v.
Tuwulofe , heuvelachtg, cdj.
Tumult, oproer, n, oploop, m.
Tumultuous,omvoer\%,adj,\\i\{y ady.