Boekgegevens
Titel: Nieuw zak-woordenboek der Nederduitsche en Engelsche talen = A new pocket-dictionary of the Englisch and Dutch languages
Auteur: Janson, Baldwin; Pijl, Rudolph van der
Uitgave: Dordrecht: Blussé en Van Braam, 1819
Nieuwe dr. ; 1e uitg. 1795
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-444
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200016
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde, Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Engelse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Engels, Woordenboeken (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nieuw zak-woordenboek der Nederduitsche en Engelsche talen = A new pocket-dictionary of the Englisch and Dutch languages
Vorige scan Volgende scanScanned page
288
SPÜ.
<Spoufe, bruid, f,
Spout, fpuit, fé
To fpout, fpuiten, y,
To fpra'w, verrekken, verwiirgen,
verdraaijen,v.,* to fprain his arm,
zijn'arm vcrrekken,verdraa)jen,
of verwringen, v.
Sprat, fprot, ƒ.
To fprawl, met armen enbeenen,
wijd uit geftrekt liggen , y.
Spray, punt van een takje,
To fpread, verfpreidcn, fprei
den, y.
Spreading, verfprejd'ng, uitfprei
ding , ƒ.
Sprig, fpruit, ƒ. takje, n,
igiitlinefs, levendigheid, moe
digheid, ƒ.
Sprightly, levendig, vol moedSj
vol vuurs, adj,
Sprirg,00tC\}X0Tig,m. bron, lente,
ƒ• » fpring'water t fonteinwa
ter; fprir.g*tide, fpringvloed,
fpring tij.
24)/pfi;7^,0ntfpringenjuitfpruiten,
▼oortkomen, ontftaan, v, ; to
fpring a hak, een lek krijgen.
Sprhge, fpringval of knip, w.
Spring'tlde, hooge vloed, m,
Sjringinefs, veerkracht, f
Sprinkli, wijkwast, m,
To fprinkle, befprenkelen, be-
fprengen , y,
Sprihkling , befprenking , be-
fprenging, f,
Spriifail, blind , het zeil aan de
bocgfpriet van een fch p, n»
Sprout, fpru:t, fpruitkoo), ƒ.
To fprout, fpruiten, uitfpruiten, y
Sprouting, fpru ting, f,
Spruce, net, z udelijk »opgefchiki,
adj', fpTuce beer y jopen bier.
Sprucenejs , nedie.d , zindelijk-
heid , f,
Sprjint, zeer vlug, levendig, adp
SDud y oud, fiecht mes,
Spume, fchuim , r.
To fpume , fchu.men , v,
Spumous, fchuimig, fchuimachtig,
adj,
Spunge, fpons, fpocfie , f.
sqa
Tofpunge, met eene fpons reini-
gen, y,
To fpunge, fchuimloopen , y,
5p//«^iffi/j',fponsachuglieid,voos-
hcid, f,
Spun^iy, fponiachtig, voos, adj.
Spunk, zwam, n.
Spur, fpoor,».,' cock^s f^ftir, hane«
fpoor.
To fpur a /lor/tf ,een paard de fpo-
ren geven, y,
To fpur ge, fchuimen, v.
Spurious, onecht, vervalscht, adj,
7 0 fpurn, fchoppen, v.
Spurrier, fporenmaker, m.
Spurring , pr.kkeling met de
fporep, f.
Spurt, fprong, m,
To fpurt, fpuiten , springen, y.
Sputter, gedruis, gewoel, n.
Spy, bcfpieder , m, befpicdftcr,/;
To fpy, befp-eden, y.
^tfSirig, befpcding, ƒ,
Squah, bol, zacht, poezeli?, adi.
Squab, bol kus fen, matras,
rustbank, ƒ.
Squabhifli, lomp , d k , v»>t, acj.
Squabble, geharrewar, geraas, n,
To fquabble, harrewarren, tivis-
ten, r.
Squabbler, k.rakkeeler, m. kijf-
achtig wijf, n,
Squabbling, k: j «^agie, f gekijf, r.
Sqtiadron of horfe, ruiterbende n
flagordegefchaard,/* ifquadro^
of men of wl r, fmaldeel, r..
Squalid, mofüg, vuil, adj,
To jqtiall, fchrecun'en, y.
Squall, gefclireeuw, n.
Squalter, fchreeuwer, m,
Sjnlly, wcder^g, a'^j.
Squamous, gefchubd, adj,
Sfjander^r, verkw.ster, m,
Tojquander, verkwsten, y.
Square, vierkant, vierhoek.g, adj,
vierkant, » \carpenter^s
y^r^fl/vr, winkelhaaJc, m,;afquü2e
of glafs, eene glazen ru r.
To fquare, vierkant maken, y.
Squaring , vierkantmaking , f,
To fquafh , neerduwen, y.