Boekgegevens
Titel: Nieuw zak-woordenboek der Nederduitsche en Engelsche talen = A new pocket-dictionary of the Englisch and Dutch languages
Auteur: Janson, Baldwin; Pijl, Rudolph van der
Uitgave: Dordrecht: Blussé en Van Braam, 1819
Nieuwe dr. ; 1e uitg. 1795
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-444
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200016
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde, Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Engelse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Engels, Woordenboeken (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nieuw zak-woordenboek der Nederduitsche en Engelsche talen = A new pocket-dictionary of the Englisch and Dutch languages
Vorige scan Volgende scanScanned page
PIT.
FLA.
233
Pipeti pijper, flu tfpeler, m.
piping, 2wak, ziekelijk, adj.
Pipkin, aarden pan , f.
P:ppin, pipJing of renet appel, m
Piquant, ftekeig, fcherp, nete
lig, adj
Piqus, wrok, haat, w.
To p'que,, verbitteren, vergram
men, beleedigen, vertoornen, v
piracy, zeeroovérij, f.
P/rtf/^, zeeroover, m
Piratical, als een zeeroover, adj,
Pifcary, vrijdom om te visfchen,
vischmarkt, ĥ
Pifcation, het visfchen, «
Pij ces, de visfchen, (een der
12 hemelteekenen), f.
Piß l foei I
To pilh, verachting toonen, y,
Pifmlre, mier, ƒ.
Piß , pis, ƒ. ',pifs a bed, paarde
bloem, f,
To pips^ pisfen, wateren, y.
Pfflich-nut, pimpernoot, /.
Pißiilaiion , het ftampen in een'
vijzel.
P'iflol, handbus,/ pillool, n,
Pjßon, zuiger van eene pomp of
fpüit, m.
Pit, put, kuil, »7. groef, j.; a
bottomlejs pit, eene grondeloo-
ze put, afgrond; the pit in
the play houfe, de bak in den
fchou wburg; coal'ptt, kool-
mijn , koolgroef; arm-pit,
oksel; the pit ofthefiomach, de
holte der maag.
Pitch, pek, n,; pitch-tree, den
nenboom, m,
To pitch, bepekkcn, y.
Pitch, top, m, punt, f.'.,th! pitch
ofa hill, de top vaneenen berg.
7op/VcÄ,nederfchieten,nederflaan,
werpen, neder vallen, y.,* to
p'tch a camp, een leger reder-
flaan, legeren ; to pitch tents,
tenten opfla.m; to p:t:h a net,
cen net T-ianncn.
Pitch'n^. , bepvkkng, f.
Piuhinefs, donkerheid,
heid, f.
] Pïtchy, pekacht g, adj.
I piteous . elendig, adj. lijk, ady*
'Pith, meig, n. pit, /.
9iihir,efs, kracht, flerkte , ƒ.
Piihiefs, krachteloos, adj.
Pitiful, elendig, jammerlijk, deer*
I jk, adj,
Pitilefs, onbarmhartg, onme-
doogend , adj, lijk, ady.
Pittance, befchciden deel, dat Ie-
mand van eenen maaltijd kri gt.
Pituitous, flijmerig, fnotterig, adj,
/>i/V,medelijden, n. deernis, erbar-
ming, ƒ ; to haye p'ny of one ,
deernis met iemand hebben;
worthy of pity, deern swaardig.
Topity, deernis hebben,z"ch erbar-
men, medelijden hebben, be-
klagen , y.
Pizzle , pezerik, f.
Placability, verzoenlijkheid, f.
Placable, verzoenlijk, adj.
Place, plaats, f,
Topl^ce, plaatfen, zetten, flel-
len, y.
Placing^ tet plaatfen.
Plagiarifm , letterdieverij, f.
Plagiary, letterrooverj m.
Plague, pest, plaag,/,
lo plague, plagen , kwellen, y.
Plaguy, plaagachtig, adj.
Plaice, fchol, f.
Plain, vlak , effen, klaar, duide-
lijk , flecht, eenvoudig, opregt,
adj, Vi)^, ady. ;\plain country,
vlak land; plain field, effen
veld; it is yery plain, het blijkt
zeer klaar; is a plain cafe^
hec is eene duidelijke zaak;p/^m
m2n, eenvoudig man; plain deal*
ing, opregte handeling.
plain , vlakte , / plein , n,
To plain , gelijkmaken , v.
Plcinnej%, klaarheid , effenheid ,
eenvoudigheid , opregtheid ,
openhartigheid,/.
Plïtnl, klagt, /.
Plaintiff, aanklager, eifcher, m,
Pl'iintiye, klagelijk, adj,
zwart-;P/ff// , vouw, plooi,/fronfel
iToplait, vuuwenj i-looijen, fron»
1
ia