Boekgegevens
Titel: Nieuw zak-woordenboek der Nederduitsche en Engelsche talen = A new pocket-dictionary of the Englisch and Dutch languages
Auteur: Janson, Baldwin; Pijl, Rudolph van der
Uitgave: Dordrecht: Blussé en Van Braam, 1819
Nieuwe dr. ; 1e uitg. 1795
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-444
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200016
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde, Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Engelse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Engels, Woordenboeken (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nieuw zak-woordenboek der Nederduitsche en Engelsche talen = A new pocket-dictionary of the Englisch and Dutch languages
Vorige scan Volgende scanScanned page
IMP.
IMP.
167
iobreng'Bg, f.
importunate, overlastig, moeije
Iijk. aandringend , adj.
Importunately, overlastiglijk, ady.
To importune, lastig vaücn, drin-
gen , aanhouden, aandringen, v.
Importunity, overlast, m, moeije
lijkheid, aandringing, f.
To impofe, opleggen, opdringen.
overfchatten, bedriegen, v.; /o
impofe taxes, fchatting opleg-
gen ; to impofe upon, bedriegen,
mibleiden*
Impoßtion, oplegging, opdringing,
overvraging,/. bedrog
impofition of taxes, eene belas
ting met fchattingen.
Imp<fthiiUy, onmogel jkheid , /.
Impoßible, onmogelijk, ondoen
lijk, adj,
impoiiy (chatilng, ƒ tol, m.
impofiure, bedrog, n*
Impotence, onvermogen, n, on
magt, onmagtigbeid, magte*
loosheid , ƒ.
Impotently, onmagtlglijk, ady,
To impound, induiten, v.
Imprcdiicable, ongebruikeljk, on-
bruikbaar, ady,
To imprecate, loewenfchen , ver
vloeken
ImprohahiUty , onwaarfckijnlijk-
heid , f,
improbabls, onwaarfchijnlijk, adf*
improbity, goddeloosheid, boos-
heid , ondeugd, ƒ. -
To improlificate, vruchtbaar ma*
ken , V.
improper, oieigen, adj.
Improperly, oneigenlijk, ady*
impropriety of f'peech, oneigen-
lijke uitdrukking, f,
To improye, belleden, waarnemen,
verbeteren, wel aanleggen, ge-
bruiken , V.; to improve his time ,
zijnen tijd wel hefteden, of waar-
nemen; to improye land, land
verbeteren.
improvable i verbeterbaar, ady*
improver, verbeteraar, m,
improving, toeneming,/.
impro\idehce, onvoorzigtigheid ,
onvoorzlenighnid, /.
hnproy'tdent, onvoorzigtig, on-
zorgvuldig , adi, lijk adv,
To improyifiion, gebrek aan voor-
zorg , y,
To imprudence, onwijsheid, on-
voorzigtigheid, v.
imprudent, onwijs, onvoorzigt g,
adj. lijk, ady.
impudence, onbefchaamdheid, on-
beleefdheid,/.
jfch
»
imprecation, toewenfchng, ver
vloeking. ƒ. //7;p«</rB/,onbérchaamd, fchaamte-
Impregnable, onwinbaar, onwin- loos, onbeleefd, j///.lijk ,ady*
neiijk, adf, Impuisfance, onmagt,/.
impregnate, bezwangerd, adj, intpulfe, impufion, aandrijving,
To w^f^^fffl/tf, bezwangeren, v.l beweging, ophitOng, aanfto-
bevooroordeeld,! king, /.
adj* \impuljiye, aandrijvend, adj,
Imprefs, indruk, m, werving, /, Impunity , oageftraftheid , ftraffe»
To imprefs. indrukken. werven, v i loosheid , onftrafoaarheid , f,
impreffion, indtM^ , druk, i». in-/n/wr^, onrein, onzuiver, flordig,
drukfel, n, \ that ttbje^ makes onkuisch, af^,
deep impresfwn upon his mind, dat Impurely , onreinlijk , ady,
voorwerp maakt een' diQip^n Impurenefs, impurity, onzuivèr-
indruk op z jn gemoed; the fd'\ heid, onreinigheid, flordigheld,/.
cond imprefftOT^, de tweede dryx^t:imputation, verwijt, n, aantijging,
7o///2pr/«/,indrukken,inprenten,v,j lastering, /.
imprifo. \ng^ imprifonmenf, gevan-< To impute, wijten , toefchrijven «
genzetting, /. aantijgen, te ltscleggen, toer«-
To improbate, «fkeuren^ v*
keneo, y»