Boekgegevens
Titel: Nieuw zak-woordenboek der Nederduitsche en Engelsche talen = A new pocket-dictionary of the Englisch and Dutch languages
Auteur: Janson, Baldwin; Pijl, Rudolph van der
Uitgave: Dordrecht: Blussé en Van Braam, 1819
Nieuwe dr. ; 1e uitg. 1795
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-444
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200016
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde, Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Engelse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Engels, Woordenboeken (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nieuw zak-woordenboek der Nederduitsche en Engelsche talen = A new pocket-dictionary of the Englisch and Dutch languages
Vorige scan Volgende scanScanned page
141
FILE.
FRI,
a
Yinder, bcratner, w.
Fratning, toellcning, making
France, i'rankrjk, n*
Fra^chife, vrijheid, vrijdom,/.
To fra'nchife, vrijmakea, begifti-
gen , bevrijden, v.
Frangible, breekbaar, bros ,
Frank, frank , vrij , adj*
Frankincenfe, wierook, m.
Frankly , mildelijk , openhartig
lïjk, adj,
Franknejs, openhartigheid, f,
Frantick, zinneloos , herfenloos,
ijlhoofdig , adj.
Fraternity, broederfchap,/.
Ffatficide, broedermoord, w.
Fraud, bedrog, n.
Fraudulent, bedriegelijk, adj,
F}ay, gevecht, krakeel, n.; to
part the fray, het gevecht fchei-
den.
To fray, fchiften, v.
Freak, inbeelding, kuur, gril, /.
Freakifti, gr Iziek , adj.
Freckle, fproet, /.
Freckly, fproeiachtig, adj.
Free, viij, openhart'g, adj.\ ti.
viaKe one free, iemand vrijma-
ken ; fret gift, vrijgift.
Free-man, vriiman, burger, m.
To free, vrijmaken ,bevrijden
F-eedom ,vn],f. vrijdom, w.; the
freedom of 0. c/rj , ftads vrijheid
Freeing, bevrijding,/.
Freely, vrijelijk, adj.
To freeze, vriezen; v.; it freezes
veryhard, het vriest zeer bard
Freight, vracht, /.
To freight, bevrachten, r.
To freiiihi aOiip^ ecn fcbip be
vrachten. *
French, Fransch, a^t,
T'> frenchify , op de Fransche wijs
maken
French>}:an, Fransch.nun, m.
Frenttick, ijlhoofdig, uitzinnig,
zinneloos, adj.
Frenzy, ijlhooid'ghiid, uitzin-
n^h.id /.
F/equent. menigvul lig,vcelvou
dig, adj.
To frequent, bijwonin, verkee»
ren , omgaan, v.
Fr ecuent ation , omgang, m, bij.
wonmg, verkeeriUjj, bewan-
deling , /.
Frequenting, bijwoning , /.
Frequently, dikwijls »menigmaal,
adv.
Frißt, versch,.nieuw,ongezouten,
adj,'Jrefh water, versch water;
totake frefh courage, nieuwen
moed fcheppen.
To freßen, verfchcn, verver»
f«.hen y.
Freßly, verfchelijk , ady.
Fret, Klawier op een clavectm-
baal, «,
gram gelaat, n.; wine that is
upon ehe fret, wijn , die nog
werkt. most.
To/rtf?,knorren , knijzen, wrok-
ken, affchaven, knagen, invre-
ten , jeukeivpiloorbijten , fmar*
ten, V'yvhat ßoutd I fret my felf
for? waarom zoude ik mij zei-
ven verknijzen ? to fret away,
weineten, verteren.
Fretful , knorrig, wrokkend,
knijsachtig, gramfiorig, gram-
moedig, grommig, adj.
Fretting, knaging »knijzing, nor-
r ng,' wrokking, /.
Friability, breekbaarheid, bros-
heid, /•
Fribble, verwaand zotje, m. •
To fribble , kibbelen, v,; a frib*
bling queflion , een har re warrig
vraagrtuk.
Friäion, wrijving, fchuring,/,
Friday, Vrijdag, m.
Friend, vriend, m. vriend n , /.
Friendlinefs , vriendelijkheid, ƒ,
Fr ':endly, vriendelijk , adj. ^ady,
F/icndßip, vricndfchap,/.
Frier j kloosterbroer , m,
Fr'geficlion , koudmaking, f,
Frigk!. vrees.,bevreesdheid, ver-
vaardheid , /. fchrik, m,
To frighten, rcrbazcn , verfchrik-
ken, v,
Frigh'fuly vreesfelijk, fchiikke*