Boekgegevens
Titel: Nieuw zak-woordenboek der Nederduitsche en Engelsche talen = A new pocket-dictionary of the Englisch and Dutch languages
Auteur: Janson, Baldwin; Pijl, Rudolph van der
Uitgave: Dordrecht: Blussé en Van Braam, 1819
Nieuwe dr. ; 1e uitg. 1795
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-444
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200016
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde, Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Engelse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Engels, Woordenboeken (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nieuw zak-woordenboek der Nederduitsche en Engelsche talen = A new pocket-dictionary of the Englisch and Dutch languages
Vorige scan Volgende scanScanned page
DIS.
To difcourage, afTchrikken, mis
moedig maken, v.
Lijcouragement, moedbeneming,
ontmoediging, ƒ.
Lifcourager, moedbenemer, m,
Difcourfe, redenering, rede-
voering , /. gefprek, vertoog
To difcourfe9 redevoeren, re-
dekavelen, V.
Difcredit, oneer^ kleinachdng,/.
nadeel,
'To difcredit, onteeren, v.
Difcreet, befcheiden, voorzich
tig , adj. lijk , ady.
DifcreparU, verfcliillend, oneenig,
adj.
Difcretion, befcheidenheid, ƒ.
To difcriminate, onderfcheiden, v.
Difcrimination, onderfcheiding ,
verdeeldheid, f.
To difcufs, onderzoeken, uitplui-
zen-, V.
Difcujfton, uitpluizing, ƒ, onder
zoek , n.
Difdain, verontwaardiging, ver-
fmading, ƒ.
To difdain , verfmaden , verach
ten, met verontwaardiging aan
zien, V.
Difdainful', ^ verontwaardigend ,
verftnadelijk, verachtelijk yodj.,
a? ady.
Difdainfulnefs, verfmadelijkheid,
verachtelijkheid , f
Difdaining, verfmading,
Difcafe, ziekte, kwaal^ /.
Difeafedy ziek, ongefteld, part.
To difembark, ontfchepen , y.
Todifengage, ontwikkelen, y.
To di/intangle, ontwarren, Vi
To disfigure y mismaken , fchen
den , y.
Disfiguring, mismaking, /.
To dif gorge y uitbraken, ontlas-
ten, V.
Difgrace, oneer,onteeriDg,fchand.
vlek , fchande, f.
Dif graceful, onteerend, fchan-
delijk, adj.
Difgracing, onteering, ƒ.
Difgu\fe% dekmantel, nu mom-
dis.
lop
aangezigt, n. vermomming, ƒ,
To difguife, vermommen, be-
wimpelen, verbloemen, y.
Lifguifing, vermomming, /.
Lif'gufi, weerzin, afkeer, m*
To walgen, eenen afkeer
hebben , v,; I am difgufled at
walg er van, het ftaat mij
tegen.
Difk, fchotel, fchaal, f. geregt,
n, ; a filyer , pewter ,or earthen
dïpi, eene zilveren, tinnen, of
aarden fchotel, of kom ; adifh
of meat, or fiflj, eene fchotel
vleesch, of visch; a dijh of
cofee, een kopje kolfij; difJt"
clout, vaatdoek, dweil, m^;
chafing^dipi, komfoor, «.
To dipiearten, den moed bene-
men, kleinhartig maken; y,
Dipieartening, ontmoed ging /.
To dipierit, onterven, y.
DWipnejl, oneerlijk, trouwe-
loos , adj. lijk , ody.
, oneerlijkheid, eerloon*
heid, trouweloosheid,
Diflionour, oneer, fchande,/I
To difhonour, onteeren , y.
Diflionourable, oneerlijk, eerloos,
adj. lijk, ady,
Diflionouring , onteerini?, f.
Todisjoin, fcheiden., {loopcn,v.
To disjoint, ontleden, v,
To diflike, tegenzin hebben, mis-
hagen , V.'
Diflike, mishagen.
Difliking, mishaging,/.
To diflocate , uit het lid doen ,
vetftuiken, y.
Todiflodge, verhulzen, y.
Difmah fchrihkelijk, gruwelijk,
ijsfelijk , akelig, adj.
To difmantle, ontmantelen, ont-
wallen, ontvesten, flechten , v.
To diftnay , verflagen maken,
ontftellen , v.
To difmember, ontleden, v.'
To difmifs, wegzenden, afdan-
ken, V.
Difmifiont wegiCDding,,./*•
flag
£ 7