Boekgegevens
Titel: Catechismus der muziek: inhoud en grondbeginselen der algemeene muziekleer
Auteur: Lobe, Joh. Chr.; Keuskamp, D.A.
Uitgave: 's-Gravenhage: F.J. Weygand & comp, 1878
's Hage: Gebr. Giunta d'Albani
8e dr; 1e dr.: 1857
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6159
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200011
Onderwerp: Theaterwetenschap, muziekwetenschap: muziektheorie: algemeen
Trefwoord: Muziektheorie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Catechismus der muziek: inhoud en grondbeginselen der algemeene muziekleer
Vorige scan Volgende scanScanned page
47
HOOFDSTUK XIII.
Over de stip of het punt.
160. Wal beleekent eene slip achter eene noot?
Dat deze] noot nog de helft van hare oorspronkelijke
waarde langer moet aangehouden worden.
Eene geheele noot gelijk aan
met eene stip ° --1=:
Eene halve noot
ene «aive uuui -p^ jg elijk aan -
met eene stip | " :
Eene kwart-noot ; nj^ aan ^^^
met eene stip -1--® •' \ ^zzn:
Eene achtste noot ^^ ^^^
met eene stip -^--° g^iz:
161. Wat beleekent eene tweede slip achter de eerste?
Deze heeft weder de halve waarde van de voorgaande.
Eene geheele noot met twee stippen
is dus gelijk aan —° P ^ enz.
162. Komen er nog meer dan twee stippeii achter eene
noot voor?
Ja, men vindt er soms wel eens drie; de derde voegt
er dan weder de helft van de waarde bij, zoodat eene
halve noot met drie stippen P"" ^^^ gelijk is aan
--
163. Zijn er nog andere middelen om den dnur der
noten te verlengen ?
Ja, men kan eenige noten door een boogje ^—v ver-
binden; dit beteekent dan dat die noten niet afzonderlijk
moeten worden aangeslagen, maar te zamen onafgebroken
moeten worden aangehouden.