Boekgegevens
Titel: Catechismus der muziek: inhoud en grondbeginselen der algemeene muziekleer
Auteur: Lobe, Joh. Chr.; Keuskamp, D.A.
Uitgave: 's-Gravenhage: F.J. Weygand & comp, 1878
's Hage: Gebr. Giunta d'Albani
8e dr; 1e dr.: 1857
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6159
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200011
Onderwerp: Theaterwetenschap, muziekwetenschap: muziektheorie: algemeen
Trefwoord: Muziektheorie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Catechismus der muziek: inhoud en grondbeginselen der algemeene muziekleer
Vorige scan Volgende scanScanned page
23
iets onbevredigends voor het gehoor hebben, en daarom
doen verlangen naar eenen overgang of eene oplossing in
een consoneerend interval. Zulke verbindingen heeft men
den ongepasten naam van wanklinkend gegeven.
HOOFDSTUK VH.
3De toongeslachten.
87. Wat verstaat men door toongeslacht ?
De verschillende voorstelling der zeven toontrappen.
88. Hoeveel toongeslachten zijn er?
Twee: het majeur-, duur-, of harde toongeslacht, en het
mineur-, mol-, of zachte toongeslacht.
89. Hoe is de volgorde der klanktrappen bij het duur-
of majeur-toongeslacht ?
De afstanden van 3 tot 4 en 7 tot 8 zijn groote halve
tonen; al de overige zijn geheele tonen:
1 2 3 4 .5 6 7 8
c — d—e — /'—g — a— b — c
1 1 J 1 1 1 J-
90. Hoe is de volgorde dei- klanktrappen bij het mol-
of mineur-toongeslacht?
De afstanden van 2 tot 3, van 5 tot 6, en van 7 tot
8 zijn groote halve tonen; die van 6 tot 7 bedraagt een
geheelen en een kleinen halven toon; de andere zijn ge-
heele tonen:
123456 7 8
a—b — c — d—e— f—gis — a
1 1 l 1 ' 1' 1
91. Heeft het mineur-toongeslacht nog niet eene andere
volgorde van toontrappen?
Ja; het wordt ook in deze volgorde, en wel op- en af-
waarts verschillend, gebruikt.