Boekgegevens
Titel: Catechismus der muziek: inhoud en grondbeginselen der algemeene muziekleer
Auteur: Lobe, Joh. Chr.; Keuskamp, D.A.
Uitgave: 's-Gravenhage: F.J. Weygand & comp, 1878
's Hage: Gebr. Giunta d'Albani
8e dr; 1e dr.: 1857
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6159
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200011
Onderwerp: Theaterwetenschap, muziekwetenschap: muziektheorie: algemeen
Trefwoord: Muziektheorie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Catechismus der muziek: inhoud en grondbeginselen der algemeene muziekleer
Vorige scan Volgende scanScanned page
137
HOOFDSTUK XL.
Over de partituur.
495. Wal is eene partituur?
Al de stemmen van eeu muziekstuk op zulk eene wijze
onder elkander geplaatst, dat elke stem haar bijzonderen
balk heeft, en alle, maat voor maat, boven elkander
zijn geplaatst, ten einde de onderlinge betrekking van alle
stemmen gemakkelijk te kunnen overzien, zich de harmonie
voor te stellen, en die, als het ware, in den geest te
hooren weerklinken.
496. fral is cm accolade ?
De koppelstrik, vóór aan elke bladzijde der partituur
geplaatst, welke alle stemmen — dat wil zeggen alle noten-
baken voor die stemmen — omvat, om te zien hoeveel
er in liet geheel bij elkander behooren. De accolade is
vooral dienstig in partituren van een klein getal stemmen,
bijv. quartetten enz., waar op ééne bladzijde plaats is voor
meer dan eene samenvatting van stemmen, welke de bij-
zondere accolade dan terstond in het oog vallend afdeelt.
Begin cener partituur \oor strijk-quartet van Beethoven.
Allegro
A-
Violino 1.
Violino 2. -
Viola.

^'ioloncello.