Boekgegevens
Titel: Catechismus der muziek: inhoud en grondbeginselen der algemeene muziekleer
Auteur: Lobe, Joh. Chr.; Keuskamp, D.A.
Uitgave: 's-Gravenhage: F.J. Weygand & comp, 1878
's Hage: Gebr. Giunta d'Albani
8e dr; 1e dr.: 1857
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6159
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200011
Onderwerp: Theaterwetenschap, muziekwetenschap: muziektheorie: algemeen
Trefwoord: Muziektheorie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Catechismus der muziek: inhoud en grondbeginselen der algemeene muziekleer
Vorige scan Volgende scanScanned page
AANIAÏ^GSEL.
HOOFDSTUK XXXVHI.
Het Orgel.
468. Welk inslrumenl is hel orgel?
Eene vereeniging van vele blaas-instrumenten, die in
den vorm van groote en kleine pijpen op windbewaarders
(windladen genaamd) staan, en geluid geven, wanneer zij
door geopende kleppen toevoer van lucht ontvangen.
469. Wal is hel manuaal ?
Hetzelfde voor het orgel, wat het klavier voor de forte-
piano is. De meeste orgels hebben meer dan een manuaal
of klavier — twee of drie — welke terraswijze achter
elkander liggen en bij afwisseling met de handen worden
bespeeld.
470. Wat verstaat men door pedaal?
Een rij toetsen, die met de voeten bespeeld worden.
471. Wal is een positief?
Een klein orgel zonder pedaal.
472. Welken omvang helden de toelsen der manualen ?
Die strekt zich slechts uit van groot C tot driege-
streepte D.
473. Welken omvang hebben de toelsen van hel pedaal ?
Dit gaat slechts van groot C tot ééngestreepte ü.
474. Is er voor elk klavier eene bijzondere rij pijpen ?
Niet slechts eene, maar verscheidene; in groote orgels
dikwijls zeer vele.