Boekgegevens
Titel: De globe: aardrijkskundig schetsboek voor school en huis
Auteur: Bos, P.R.
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1880
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 200 E 3 (atlas)
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200007
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: (sociale) geografie: algemeen
Trefwoord: Geografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De globe: aardrijkskundig schetsboek voor school en huis
Vorige scan Volgende scanScanned page
54
dien de rivier hier moet doorbreken, een doorloopend geheel, waarvan
de rotsen, die nu midden in den stroom het water in zijn' loop belem-
meren, slechts overblijfselen zijn.
De rotswand waarvan de Rijn zich naar beneden stort, is 70 a 80 voet
hoog. Maar juist daar waar hij als 't ware den aanloop neemt om den
sprong te wagen, verheffen zich drie rotsen uit den wand. Eene daarvan
wordt geheel overstroomd, de andere verdwijnen alleen bij den hoogsten
waterstand. De overstroomde rots is het dichtst bij het slot Lauffen, aan
welks voet men een ijzeren balkonvormig uitsteeksel vindt, Fischenz ge-
heeten, van waar men het verhevene schouwspel het best kan overzien.
Reeds boven den waterval wordt het stroombed nauwer, en over rots-
punten schuimend heenvliegend, nadert hij de rotsen, waar hij tegen aan
schiet met zulk eene vaart, dat een deel van het water in fijne deeltjes
wordt gescheiden en als een dichte nevel opstijgt; een ander deel vormt
schuim en het meeste snelt in groote massa's over de rotsen naar de diepte,
waar het zieden en schuimen en wervelen opnieuw begint. Men denke zich
dit alles met de grootste snelheid te gebeuren, daar een deel van het wa-
ter beneden reeds dondert en schuimt, als het andere eerst tegen de rotsen
aan stormt en er overheen schiet; men denke zich dan dit schouwspel bij
ieder rotsblok herhaald, en men late de zon zich ontsluieren, om de
menigvuldigste en heerlijkste kleurschakeeringen te voorschijn te roepen,
daar zij het door den wind gekrulde schuim verguldt, den waterspiegel
met schitterend licht overgiet en in de bewegelijke nevels een snel verdmj-
nenden en even snel weder verschijnenden regenboog toovert, — men
vatte dit alles samen, en men heeft een zwak beeld van de werkelijkheid.
Het donderen van het water is in den stillen nacht twee mijlen ver te
hooren, en zoo sterk is het geluid, dat de beschouwer zijne eigene stem
niet kan hooren.
DE ZWITSERSCHE MEREN.
Hoewel een der kleinste landen van Europa (758 □ G. M., dus nog
geen 1.3 maal zoo groot als Nederland), is Zwitserland stellig een der
merkwaardigste landen der aarde; merkwaardig door zijne ligging in 't
midden van Europa op de gi-enzen van noord en zuid; merkwaardig,
doordien het met zijne uitgestrekte sneeuw- en ijsvelden een groot deel
van West- en Middel-Europa van rivieren voorziet, die vruchtbaarheid aan
de vlakten schenken en handel en nijverheid steunen; merkwaardig door
zijne bergen, zijne gletschers, zijne l:)ergstroomen, zijne watervallen, zijne