Boekgegevens
Titel: De globe: aardrijkskundig schetsboek voor school en huis
Auteur: Bos, P.R.
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1880
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 200 E 3 (atlas)
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200007
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: (sociale) geografie: algemeen
Trefwoord: Geografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De globe: aardrijkskundig schetsboek voor school en huis
Vorige scan Volgende scanScanned page
49
EENE ONGELUKKIGE BERGBEKLIMMING.
Den 26 Februari i864 verlieten wij (n. 1. de heeren Gosset en Boisson-
net) met Bennen (gids) Sitten of Sion, om den Haut de Cry (in het ZW.
gedeelte der Berner Alpen) te bestijgen. Wij reden om kwart na twee des
nachts in een lichten wagen naar het dorp Ardon en vonden daar de drie
mannen, die onze gidsen en dragers zouden zijn: Nance, Rebot en Bé-
vard. Dadelijk begonnen wij den tocht, met langs den rechter oever van
de Lizorne naar boven te gaan. De nacht was heerlijk, de hemel onbewolkt
en de maan scheen helder. Ongeveer een half uur lang leidde onze steile
weg door de wijnbergen en toen vonden wij een zeer goeden weg, die
naar den Col de Chéville voerde. Na dezen weg ongeveer drie uren te
hebben gevolgd, wendden wij ons links en stegen zigzagsgewijze door een
pijnboomenwoud de berghelling op. We overschreden de zoogenaamde win-
tersneeuwlinie, die hier ongeveer 2000 voet hoog ligt. Nog bevonden we
ons niet langer dan een kwartier in dit woud, toen de sneeuw veel dikker
en onvaster werd. We zagen in, dat de onderneming zou moeten worden
opgegeven, als de sneeuw boven den gordel der pijnwouden even onvast
was. Om 7 uur des morgens kwamen we bij eene sennhut, waar we on-
geveer 20 minuten rust namen en den Diablerets door de opgaande zon
zagen verlicht. De waarneming op onzen aneroïde-barometer leerde ons,
dat we 7000 voet boven de zee waren; de temperatuur was — 1° C.
De Haut de Cry heeft vier ruggen; de eerste loopt naar het westen, de
tweede naar 't zuidoosten, de derde naar het oosten en de vierde naar
't noordoosten. Wij waren tusschen de beide laatste. We hadden het voor-
nemen, daar tusschen te blijven gaan tot aan den voet des tops en dezen
dan langs den noordoostwaarts' loopenden rug te bestijgen. De sneeuw
was, zooals wij verwacht hadden, boven het woud veel beter. Eenigen tijd
kwamen we nu flink vooruit. De top glinsterde voor ons, en de hoop op
het succes maakte ons opgewekt. Ons geluk was echter niet van langen
duur; spoedig kwamen wij op sneeuw, welker oppervlakte bevroren was,
die ons eenige schreden droeg en daarna inzakte, 't Was echter niets in
vergelijking met de inspanning om door het pijnwoud te komen, en daarom
pruttelden we niet maar vermaakten er ons mee. Bennen was zeer goed
gemutst en lachte hard om onze pogingen om uit de gaten te komen die
we nu en dan in de sneeuw maakten. Naar 't ons voorkwam, bedekte het
sneeuwveld waar we op liepen, eene langzaam stijgende berghelling, ^\'e
namen onzen barometer voor den tweeden keer waar en bevonden tot
onze verrassing en spijt, dat we in de laatste drie uren maar 1000 voet
gestegen waren, 't Was 10 uur; we waren ongeveer 8000 voet hoog, de
temperatuur bedroeg — 1.5° C.
f. R. BOS, Globe. 4