Boekgegevens
Titel: De globe: aardrijkskundig schetsboek voor school en huis
Auteur: Bos, P.R.
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1880
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 200 E 3 (atlas)
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200007
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: (sociale) geografie: algemeen
Trefwoord: Geografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De globe: aardrijkskundig schetsboek voor school en huis
Vorige scan Volgende scanScanned page
431
overige wereld, en de laatste berichten, die (8 Februari 1877) hier zijn
gekomen, hadden betrekking op de „Bulguarian atrocities". Daar is de
politieke draad afgebroken, maar dat baart ons geen zorg; want, heeft de
„squatter" zich eerst met de woestijn vertrouwd gemaakt, dan is zijn
station voor hem de wereld. Het „station" heelt in dit vaste land eene
groote belangrijkheid. Vóór ik er eene beschrijving van geef, moet ik ech-
ter enkele bijzonderheden mededeelen.
Nieuw-Holland zou men kunnen verdeelen in een ontdekt en een niet
ontdekt gedeelte. Tot het laatste behoort bijna het geheele binnenland.
Het ontdekte deel bestaat uit een bewoond en een onbewoond gedeelte.
Tot het laatste behoort haast de geheele noordkust, het eerste is in zeven
koloniën verdeeld. De oostelijke en de westelijke kolonie, Queensland en
West-Australië, zijn nog slechts schaars bevolkt; de drie zuidelijke, New-
South-Wales, Victoria en Zuid-Australië met de hoofdsteden Sydney,
Melbourne en Adelaide, vormen de kern van het laatst ontdekte wereld-
deel. Ten zuiden van het continent liggen de eilanden Tasmanië en
Nieuw-Zeeland, die ieder voor zich eene kolonie vormen. Ieder van deze
zeven koloniën heeft haar gouverneur, haar ministerie en haar parlement.
De gouverneurs of stadhouders benoemt de regeering in Londen, de beide
andere regeeringslichamen worden door de koloniën zeiven gekozen. Het
geheele land heeft niet meer dan twee millioen blanke inwoners. Verder
is het nog karakteristiek, dat het geen leger heeft; alle koloniën protes-
teerden tegen het houden van een leger. Toch is het land volstrekt niet
weerloos; in tegendeel: het wordt bewaakt door den zee-cerberus, die hier
de Engelsche vloot heet. De Australische wateren staan onder de Indische
admiraliteit, en eenige oorlogsschepen zijn in de Australische havens ge-
stationeerd. Iedere kolonie heeft hare eigenaardige bezigheden en vordert
menschen van verschillende ontwikkeling. In de steden leeft eene andere
klasse van menschen dan in de landbouwstreken, en hier is het leven
geheel anders dan in de bergbouwdistricten, terwijl de woestenij en de
veeteelt die daar wordt uitgeoefend weer geheel andere menschen vordert.
De steden en de landbouwstreken verschillen niet van de Europeesche.
De steden zijn buitengewoon rijk en de handel is er sterk ontwikkeld. De
landbouwdistricten worden door spoorwegen en andere groote wegen door-
sneden en reiken ongeveer 200 Engelsche mijlen ver in 't binnenland op.
De ploeg dringt steeds verder door en verandért de woestenij in vruchtbare
velden. Tusschen de landbouwstreken in liggen de bergbouwdistricten,
waar-niets Europeesch meer te zien is: van eene maatschappij is hier niets
meer te merken. Het hoofdkenmerk, waardoor het hier levende geslacht van
de overige menschenwereld verschilt, is dat het huisgezin, de familie ont-
breekt. Waartoe heeft de „goldseeker" vrouw en kinderen noodig? Ze zijn
te zwak om goud uit de ingewanden der aarde te voorschijn te halen.
Het goud is voor den goudzoeker vrouw, kind en wereld. Onder iedere
aardkluit hoopt hij een klomp goud te vinden, doch vaak, zeer vaak
wordt hij in zijne Verwachtingen bedrogen. Gedurende eene rij van jaren