Boekgegevens
Titel: De globe: aardrijkskundig schetsboek voor school en huis
Auteur: Bos, P.R.
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1880
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 200 E 3 (atlas)
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200007
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: (sociale) geografie: algemeen
Trefwoord: Geografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De globe: aardrijkskundig schetsboek voor school en huis
Vorige scan Volgende scanScanned page
426
uit eenige kleinere samengenaaid. Zoo kostte b.v. een guanaco, ongeveer
drie vierkante meter, 20 dollars; struisvellen met veeren bedekt, grijs
met wit, ongeveer twee vierkante meter, ro dollars. Zwanenhuiden met
prachtige sneeuwwitte vederen, kostten 5, zeeleeuwenhuiden 14 dollars.
Zelfs bood men photographieên, als gezichten uit Buenos Ayres en Pata-
gonische typen te koop tegen i dollar het stuk. Maar die photographieên
van Patagoniers misten voor ons de bekoorlijkheid van het nieuwe, daar
we aan wal reeds drie Patagonische schoonen hadden kunnen bewonderen.
Deze meisjes zouden drie maanden te Punta Arenas blijven en zagen
er goed gevoed uit, wat ze aan de goede verpleging te danken hadden.
Hare breede gezichten hadden iets Eskimo-achtigs. Met hare schuins
staande bruine oogen keken ze ons nieuwsgierig aan; het lange zwarte
haar hing aan weerszijden van het hoofd stijf naar beneden, 't Was nu juist
geen bijzonder verkwikkelijk gezicht.
Wij bezochten ook de school, aan welker hoofd een jonge kroesharige
Chilinees stond. De leerlingen waren bijna 50 in getal, zwart- en blond-
harig , blank en donkerkleurig. Aan de wanden hingen eenige landkaarten,
maar alle oudere uitgaven van 1866 tot '70. Langs verscheidene hulpmid-
delen voor gymnastische oefeningen gingen we naar een grooter school-
lokaal, waar wij door de onderwijzeres die achter haar lessenaar stond,
vriendelijk werden ontvangen. De kinderen, die twee aan twee zaten, zagen
vol eerbied tot de vreemde heeren op.
Het klimaat te Punta Arenas is niet bijzonder aanlokkelijk; slechts zel-
den ziet men er in den zomer een helderen hemel. Daarbij komt, dal
wind en zee er dikwijls zeer onstuimig 'zijn, zoodat eene landing meer dan
eens onmogelijk is.
De kolonie bestaat ten deele uit verbannen deserteurs van het Chilineesche
leger, ten deele ook uit vrijwillige kolonisten, die men door schenking
van groote stukken gronds heeft zoeken te lokken. Bovendien ontvangen
de Chiloten — zoo noemen deze kolonisten zich — van de regeering nog
een zeker loon voor hun' arbeid; zij vormen het vlijtigste deel der bevol-
king, werken veel, maar drinken ook veel en leiden een vrij los leven. In
Punta Arenas vindt men Blanken, Kleurlingen, Indianen en zelfs eenige
Negers. De houthakkers, evenals de Chiloten afstammelingen van Span-
jaarden en Indianen, leven zeer eenvoudig en voeden zich meest met
aardai)pelen, die op het eiland Chiloe nog op het vrije veld wassen, en
ook te Punta Arenas nog groeien, maar hier zeer klein blijven.
Hoe meer de straat van Maghelaens voor het verkeer wordt gebruikt,
des te meer zal Punta Arenas in welvaart toenemen; tot dusverre zijn
echter de vooruitzichten van de kolonisten niet bijzonder schitterend.
Zoo zijn de toestanden te Punta Arenas op 53° ZB., dat is dus op eene
breedtegraad die overeenkomt met die der dichtbevolkte industrie-districten
van Engeland en der noordelijke provinciën van Nederland.