Boekgegevens
Titel: De globe: aardrijkskundig schetsboek voor school en huis
Auteur: Bos, P.R.
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1880
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 200 E 3 (atlas)
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200007
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: (sociale) geografie: algemeen
Trefwoord: Geografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De globe: aardrijkskundig schetsboek voor school en huis
Vorige scan Volgende scanScanned page
397
geweldigen stroom in de spleet uit, opdat niemand denzelfden weg naar
die jachtvelden zou kimnen volgen, en van dien tijd af heeft de stroom
niet opgehouden te vloeien.
MONTREAL.
Wie langs den St.-Laurensstroom met eene stoomboot Montreal bereikt,
ziet dadelijk na zijne aankomst in de stad op het plein Jacques Cartier
(zoo geheeten naar den Franschman, die in 1534 hetft eerst in Canada
landde) eene hooge zuil met het kolossale beeld van Nelson, den over-
winnaar bij Trafalgar, welk beeld in 1809 werd opgericht. Inderdaad eene
wonderlijke combinatie van denkbeelden, op het plein dat naar den Fran-
schen zeeman en ontdekker van Nieuw-Frankrijk is genoemd, het beeld
op te richten van den Engelschen zeeheld, die Frankrijks vloot verwoestte!
Waar nu Montreal staat, vond Cartier in de i6e eeuw op het eilandje,
dat door de armen van de Ottawa-rivier en den St.-Laurensstroom wordt
ingesloten, een Indianendorp. In 1640 schonk Lodewijk XIII het eiland
aan de vrome geestelijke zuster Bourgeois en hare volgelingen, en in 1642
trokken er 55 menschen heen om er zich eenige huizen te bouwen, die
„Villemarie" werden geheeten en de oorsprong waren van het tegenwoor-
dige Montreal. De plaats was, zooals de tijd leerde, niet kwaad gekozen,
daar de zeeschepen tot hier konden opvaren. Reeds en 1653 gingen er
een paar honderd kolonisten uit Anjou naar toe. In het eerst hadden de
bewoners veel last van den Indianenstam der Irokeezen, die in de buurt
zich ophielden. Toen onder hare muren in 1760 het verdrag werd. getee-
kend, waarbij Canada aan de Engelschen werd afgestaan, telde de stad
nog nauwelijks 6000 inwoners. Nu is zij aangegroeid tot meer dan 100 000
zielen, waarvan de grootste helft Franschen, en de bewoners der stad
koesteren zulk eene groote verwachting van hunne woonplaats, dat zij den
tegenwoordigen toestand slechts als een voorlooper van nog veel grootere
dingen beschouwen.
In de 17e eeuw was Montreal het middelpunt voor den handel in pelzen ,
vooral in beverhuiden; van daar togen de trappers (= pelsdierjagers, eigenl.
vallenzetters) naar alle richtingen langs de vele wateraderen het land binnen
en baanden den weg voor de veel later opdagende kolonisten. Nu heeft de
handel in pelzen de stad geheel verlaten. Zij is nu het uitgangspunt voor de
transatlantische scheepvaart op den St.-Laurens. Van Montreal stroomop kun-
nen schepen van 4- a 500 ton langs kanalen de menigte stroomversnellingen
vermijden, die tusschen het Ontario-meer en Lachine worden gevonden, liet