Boekgegevens
Titel: De globe: aardrijkskundig schetsboek voor school en huis
Auteur: Bos, P.R.
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1880
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 200 E 3 (atlas)
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200007
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: (sociale) geografie: algemeen
Trefwoord: Geografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De globe: aardrijkskundig schetsboek voor school en huis
Vorige scan Volgende scanScanned page
21
Aan weerszijden van de geul, die de verbinding vormt tusschen de haven
en het kanaal zijn kleinere havendammen aangebracht van 480 M. lengte.
De as der haven wordt aangegeven door twee vuurtorens, die op de
duinen zijn opgericht. Een schip, dat de haven wil binnenloopen, moet
dus zijne koers zoodanig nemen, dat de beide lichten elkaar bedekken. De
koppen der havenhoofden en de uiteinden der kleine dammen zijn ook van
vuurtorens voorzien.
De grootste moeilijkheid van het reusachtige werk was de aanleg der
groote havenhoofden. Eerst werd in de richting van de hoofden eene laag
bazalt van i meter dikte gestort. Deze laag werd door duikers vlak ge-
maakt , en vervolgens werd daarop een muur van betonblokken opgetrokken.
Deze blokken beton, die men eindelijk zelfs van 20000 KG. zwaarte
maakte, bestaan uit een mengsel van i deel portland-cement, 5 deelen
grint of fijngemaakten baksteen en 3 deelen grof rivierzand. Nadat deze
blokken in vormen waren gegoten, konden ze eenige dagen later reeds
daar uit worden genomen, maar moesten vervolgens nog 3 of 4 maanden
aan de zonneschijn worden blootgesteld, om te kunnen worden gebruikt.
Eene soort van kraan (titan), die over rails kon worden voortgeschoven,
liet de blokken neer, terwijl een duiker het blok na de plaatsing losmaakte
van de kettingen waarin het hing. Als een gedeelte van het hoofd gereed was,
werd er aan weerszijden bazalt tegen gestort. De bovenste laag der hoofden
werd in eens op het hoofd zelf gegoten en vormt dus één enkel blok. Langs
den buitenkant der hoofden zijn golfbrekers aangebracht, bestaande uitbe-
storting van betonblokken, langs welker teen eene laag bazalt is gestort.
Het kanaal is 7'/^ M.—AP. diep en de bodembreedte bedraagt in den
regel 27 M. Over het kanaal liggen drie bruggen: eene in den straatweg
van Velzen naar Beverwijk, eene spoorwegbrug in de lijn Haarlem—Helder
en eene in de lijn Amsterdam—Zaandam. Bovendien zijn twee pontveren
aanwezig. In de gemeenschap langs het kanaal wordt voorzifn door een
doorloopenden weg langs de zuidzijde van het kanaal.
De Noord zee-sluizen hebben drie openingen: in 't midden een grooten
schutkolk van 120 M. lang en 18 M. breed, een kleinen schutkolk ten
zuiden daarvan en aan de noordzijde eene uitwateringssluis.
De Oranje-sluizen bevatten drie schutkolken, ééne uitwateringssluis aan
den zuidkant en drie maalsluizen aan den noordkant. Het stoomgemaal op
deze maalsluizen kan, zoo noodig, per minuut 2000 M^. water uit het
kanaal verwijderen.
Bij de Oranje-sluizen zijn remmingwerken aangebracht, palen die gedeel-
telijk door waterdichte schotten verbonden zijn ter bescherming van kleine
vaartuigen, en waaraan de schepen kunnen worden vastgemeerd. Ook bij
Noordzee sluizen zijn dergelijke inrichtingen aanwezig.
De droogmakerijen in het IJ hebben den landbouw 5000 hectaren vrucht-
baar land geschonken. ')
') De bijzonderheden omtrent het Noordzeekanaal zijn ontleend aan eeuige artikelen
van den heer p. j. dikks in het tijdschrift Eigtn haard, 1877.