Boekgegevens
Titel: De globe: aardrijkskundig schetsboek voor school en huis
Auteur: Bos, P.R.
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1880
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 200 E 3 (atlas)
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200007
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: (sociale) geografie: algemeen
Trefwoord: Geografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De globe: aardrijkskundig schetsboek voor school en huis
Vorige scan Volgende scanScanned page
303
in 1820 verdragen met enkele hoofden. Spoedig daarna werd Nias met
de bezittingen der Engelschen op Sumatra's westkust aan Nederland afge-
staan, maar eerst in 1857 is het geheele eiland door de Nederlanders in
bezit genomen, en nog tegenwoordig hebben zij er zich slechts op ééne
plaats gevestigd, n.l. te Goenong Sitoli op de oostkust. Verschillende rei-
zigers, mijn-ingenieurs en Duitsche zendelingen hebben in de tweede helft
van deze eeuw het hunne gedaan om de kennis van Nias en zijne bewo-
ners te vergrooten.
.Het eiland is ongeveer zoo groot als de provinciën Noord-Brabant en
Limburg gezamenlijk en is berg- en heuvelachtig. De bergen bestaan hoofd-
zakelijk uit zandsteen en koraalvormingen. Het schijnt, dat het eiland voor
het grootste gedeelte in een niet ver verwijderden tijd (in geologischen zin
natuurlijk) door het zeewater is bedekt geweest. Toen vormden zich koraal-
riffen, die, nu het eiland door vulkanische werking is opgeheyen, totdat
het zijne tegenwoordige gedaante verkreeg, in meer of minder verweerden
toestand groote gedeelten van zijne oppervlakten bedekken. Vlakten zijn
er maar weinig en dan nog alleen aan de kusten. Goede ankerplaatsen
zijn er slechts drie op de zuidkust. Er zijn vele rivieren, daar het jaar er
ongeveer 200 regendagen telt; maar de meeste zijn klein. De grootste, de
op de noordkust uitstroomende Modjeija, is ongeveer half zoo lang als
't geheele eiland; zij is in 't binnenland voor booten bevaarbaar, doch
hare 200 meter breede monding is ten gevolge van de sterke branding
moeielijk binnen te komen.
Vulkanen zijn er op Nias niet, daarentegen komen aardbevingen zeer
dikwijls voor. Zoo werd in 1843 een deel van kaap I.embaroe door eene
aardbeving in zee gestort, en op 16 Februari 1861 werd bijna geheel
Goenong Sitoli verwoest en de Nederlandsche kolonie in Lagoendi totaal
vernield. De temperatuur wisselt af tusschen 34° en 20° C. Buiten de
regelmatige land- en zeewinden waaien veel noordwestenwinden. Bosschen
vindt men er niet veel meer, tengevolge van de dichte bevolking en het
sterke houtverbruik, — b. v. bij eene daar in zwang zijnde wijze van oorlog-
voeren met vuur, — alsmede door den handel in planken, een der wei-
nige artikelen van uitvoer. Aan dieren is het eiland vrij arm; alleen het
hert van Sumatra (cervus equinus), de ree, het wilde varken en eene
enkele apensoort zijn er de groote zoogdieren; verder vinden we er ver-
scheiden soorten van vleermuizen, krokodillen, kleine slangen, veel vogels
en visschen, en onder de lastige dieren den spring-bloedzuiger, die in den
vochtigen bodem der bosschen zich ophoudt en zich vastzuigt aan de voe-
ten van den armen inboorling. Van de huisdieren houdt men er alleen
varkens en hoenders; bovendien eenige geiten, die waarschijnlijk door de
Maleiers zijn ingevoerd.
De Niassers zijn lichtgeel tot lichtbruin van kleur; ze hebben vaak eene
flinke gestalte en vriendelijke gelaatstrekken. De vrouwen zijn schoon,
maar heur gang is meestal waggelend, naar men zegt ten gevolge van het
dragen van zware lasten. Wat hun karakter betreft zijn de Niassers vroolijk,