Boekgegevens
Titel: De globe: aardrijkskundig schetsboek voor school en huis
Auteur: Bos, P.R.
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1880
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 200 E 3 (atlas)
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200007
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: (sociale) geografie: algemeen
Trefwoord: Geografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De globe: aardrijkskundig schetsboek voor school en huis
Vorige scan Volgende scanScanned page
284
zonden kunnen doen. De Mei shan behoort tot de keizerlijke gronden,
op welke het verboden is te wandelen. Naast dezen berg, eveneens in de
keizerlijke tuinen, ligt nog een heuvel. Wanneer men Peking uit de verte
ziet, kan men slechts enkele huizen onderscheiden uit het groen; want bij
haast ieder huis behoort een groote tuin. Doch daar de tuinen altijd ach-
ter de huizen zijn gelegen, ziet men in Peking zelf, als men langs de
straten wandelt, bijna niets van de tuinen, maar slechts eentonige rijen
huizen van ééne verdieping, waartusschen stoffige straten. Peking beslaat
eene oppervlakte van 1.13 vierk. geogr. mijl. Ter vergelijking kan dienen,
dat Parijs 1.53 vierk. geogr. mijl groot is.
Maar slechts een deel van deze groote door de muren ingeslotene ruimte
mag worden beschouwd als door bewoonde huizen te worden ingenomen.
Eensdeels toch beslaan de tuinen en meren met de daaraan grenzende kei-
zerlijke paleizen, de paleizen en tuinen van verscheiden prinsen eene groote
oppervlakte, anderen deels ligt een groot deel der stad tegenwoordig in
puin. Zoo vindt men in de Chineezen-stad slechts in het noordelijke ge-
deelte eene ongeveer 20 minuten breede, van het oosten naar het westen
loopende strook van huizenrijen en straten, terwijl de rest deels door de
groote tuinen van den tempel des Hemels en den tempel voor den land-
bouw , deels door meren, bouwland, uitgestrekte begraafplaatsen of geheel
woeste vlakten wordt ingenomen. Zulke woeste gedeelten met de bouw-
vallen van vroegere gebouwen ziet men ook dikwijls in de Mantsjoes-stad.
Het dichtst schijnt de bevolking te zijn in de Chineezen-stad; hier zetelt
bijna alle handel van Peking, en alleen hier kan men in sommige straten
een zoo levendig verkeer vinden als in onze groote steden. In de straten
van Peking, die niet in de nabijheid van de handelscentra liggen, ont-
moet men weinig menschen. Zooals reeds is opgemerkt, zijn de huizen in
Peking meestal van ééne verdieping. Men is hier niet zoo zuinig op de
ruimte als in onze groote steden. Dit alles te zamen genomen bracht Dr.
Rretschneider tot de overtuiging, dat de cijfers, die voor de bevolking
van Peking doorgaans worden opgegeven, veel te hoog zijn. Hij schat het
aantal inwoners op hoogstens een half millioen. De Chineesche regeering
kent het aantal inwoners zeer nauwkeurig, maar het zou overbodige moeite
zijn, bij haar om inlichting te vragen. Den Europeaan zegt men toch
nooit de waarheid, en men geeft vreeslijk overdreven cijfers op. Even
nauwkeurig zou de Chineesche regeering eene statistiek van de sterfte in
Peking kunnen opmaken; want alle lijken worden tegenwoordig buiten de
stad begraven, en elk lijk wordt bij de poort aangeteekend.